Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

630

Slag bij Haliartus. Agesilaiis teruggeroepen.

stellen was het doel van zijn onafgebroken streven. In de overtuiging dat hij dit doel alleen door nnddel van een verbond met de Perzen bereiken kon reisde hij naar Susa; hier gelukte het hem, Artaxerxes te doen inzien, dat de Spartanen ter zee met de beste hoop op zegepraal bevochten konden worden JJe koning droeg aan hem en aan Pharnabazus het opperbevel over eene aanzienlijke vloot op, waarmede de beide veldheeren weldra luisterrijke overwinningen op Sparta zouden behalen.

Op het Grieksche vasteland gaf in de lente van het jaar 394 een onbeduidende twist tusschen de Opuntische Locriërs en de Phocensers aanleiding tot het uitbarsten van een openbaren oorlog tegen Sparta. De Thebanen hadden voor de Locriërs partij gekozen, de Phocensers riepen derhalve de hulp der Spartanen in. Deze verleenden hunne ondersteuning volgaarne, dewijl Sparta sinds lang op Thebe verstoord was; want hier openbaarde zich het krachtigst de tegenzin, waarmee men de thans in Griekenland schier alvermogende stad gehoorzaamde.

u ,, ^sandf' t,ie naar ziJ" vaderland was teruggekeerd, nadat hij in den Hellespont dapper had gestreden, en wien het gelukt was, zich te Sparta weer aanzien en invloed te verwerven, ontving in last in Pliocis een leger te verzamelen en tegen Boeötie op te trekken. Te gelijk zou de tweede Spartaansche koning Pausanias met Peloponnesische troepen van het zuiden Boeötie biuneni ukken en zich bij de stad Haliartus met Lysander vereenigen

De Thebanen dachten er niet aan. den strijd 'te ontwijken; wel 'waren zij er op bedacht zich bondgenooten te verwerven. Hunne gezanten begaven zich in de eerste plaats naar Athene. Na de zware verliezen, door de Atheners in de vroegere oorlogen geleden, behoorde er voor hen veel moed toe om een nieuwen strijd met Sparta te wagen. Hunne stad was van de beschuttin" harer muren beroofd en lag dus voor eiken aanval van den vijand open In weerwil hiervan besloten de Atheners toch, zich bij de Thebanen aan te sluiten ; zij rustten een leger uit en droegen het bevel daarover aan den dapperen Ihrasybulus op. 1

Omstreeks Juni van het jaar 394 v. C. verscheen Lysander met de door hem verzamelde troepen op den bepaalden dag voor Haliartus. Koning Pausanias had niet zooveel spoed gemaakt; langzaam kwam hij uit het zuiden aanmarcheeren. Lysander zou beter hebben gedaan, indien hij elk treffen verVii6/1 ,ne* Pausanias had kunnen vereenigen, maar dit

duldden zijn moed en zijn strijdlust niet; het kwam tot een gevecht; de Thebanen zegepraalden, Lysander sneuvelde en zijn leger verstrooide zich.

Toen Pausanias den volgenden dag op de bepaalde plaats verscheen, bevond hij zich tegenover den zegevierenden vijand, wiens krijgsmacht daarenboven noch versterkt was door de Atheners, die onder Thrasybulus waren aangerukt. Hij waagde het niet, een tweeden slag te leveren; onder het hoongelach der Thebanen en Atheners keerde hij naar Sparta terug, nadat hij door middel eener onderhandeling niets had kunnen verkrijgen dan het verlof om de gesneuvelde Spartanen te begraven. Tot straf hiervoor werd hij te Sparta ter dood veroordeeld, en hij zou ongetwijfeld tereglgesteld zijn, wanneer het hem met gehikt was, naar Tegea te ontvluchten.

Deze overwinning der Thebanen had belangrijke gevolgen. Een machtig bondgenootschap vormde zich. Athene, Thebe met de overige Boeötische steden. Corinthe en Argos vereenigden zich, vastbesloten om het juk der Spartaansche opperheerschappij af te schudden. Eu overal vonden zij bondkenooten. overal rustten de vijanden van Sparta zich tot den oorlog toe. Thans was het niet raadzaam den oorlog in Klein-Azie voort te zetten; de ephoren zagen dit in en zij zonden derhalve in aller ijl een bode naar Agesilaiis, met het bevel om met zijn leger terug te keeren.

Hoe ongaarne ook, Agesilaiis gehoorzaamde; zijne stoute verwachting omtrent schitterende overwinningen, door hem op de Perzen te behalen, was

Sluiten