Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De derde heilige oorlog.

655

zou, was veroorzaakt door liet streven der Thebanen oin liet Amphictyonenverbond te gebruiken als een middel tot uitbreiding van eigene macht.

Onze lezers herinneren zich, dat het oude Delphische Amphictyonenverbond (zie blz. 301) oorspronkelijk geen ander doel had dan den tempel en het orakel te Delphi te beschermen en een godsdienstig middelpunt ter vereeniging van de verschillende Grieksche staten te vormen. Hel onderhouden de bescherming van den Delphischen tempel maakten het voornaamste gedeelte van zijne taak uit. Met een vreeselijken eed hadden de Amphictyonen zich verbonden om ieder te straffen, die ziclt aan den eigendom van den Delphischen "od vergreep. Te midden van alle oorlogsstormen was het Amphictyonenverbond in stand gebleven, zonder ooit op eenigen staatkundigen invloed aanspraak te maken. Alleen met het regelen van de feesten en offerplechtigheden bad het zich bezig gehouden. Eerst toen Thebe, na den slag bij Leucta, in Middel-Griekenland zich eene grootere macht verwierf, kwam hierin verandering. De Thebanen poogden het Amphictyonenverbond te gebruiken als een werktuig tot het bereiken van staatkundige doeleinden. Kort na den slag bij Leuctra stelden zij de Spartanen in staat van beschuldiging wegens het onrechtmatig bezetten van den Thebaanschen burg en wegens het verwoesten van geheele Boeötische steden. Hunne stem bezat reeds in die dagen zooveel invloed, dat de overige leden van het verbond Thebe niet durfden tegenspreken: Sparta werd tot het betalen van eene aanzienlijke geldboete veroordeeld.

Hiermee niet voldaan, wendde Thebe zich tegen een tweeden vijand, de Phocensers, die de trouwe bondgenooten van Sparta waren geweest. De Phocensers hadden eenige woeste gronden, die aan het Delphische heiligdom behoorden, in bezit genomen en bebouwd. Op aansporing der Thebanen ontvingen zij bevel die landerijen te ontruimen, tevens werd hun eene geldboete opgelegd, tot welker betaling zij niet in staat waren.

Phocis kon, Sparta wilde niet betalen. De Thebanen maakten van deze omstandigheid gebruik en dreven het door, dat het Amphictyonenverbond in bet jaar 356 v. C. verklaarde, dat elke staat, die in gebreke bleef eene boete te betalen welke hem door de rechtbank der Amphictyonen was opgelegd, in den ban zou gedaan worden. Onverwijld rustten Sparta en Phocis zich ten strijde. De Spartanen grepen deze gunstige gelegenheid aan om tegelijk de stad Megalopolis, die iu Messenië verrezen was en hun gevaarlijk werd, aan te tasten. Een nieuwe oorlog met Thebe, die met afwisselend geluk gevoerd werd, was hiervan bet gevolg. Hij eindigde in het jaar 352 met een verdrag.

Ernstiger en belangrijker was de strijd, door de Phocensers gevoerd. Een man vol geestkracht en dapperheid, Pliilomelus, bad zich aan het hoofd van den staat gesteld en spoorde zijne landgenooten aan om het kalm op een oorlog met de Amphictyonen te laten aankomen. Hoe klein de Pliocensische staat ook was — zoo verzekerde hij — toch kon men binnen de sterke bergvestingen aan Thebe en alle overige vijanden gemakkelijk liet hoofd bieden. Deze woorden vonden weerklank bij de krijgslustige Phocensers, zij besloten den strijd tegen het Amphictyonenverbond aan te gaan. Bij een onverhoedschen overval maakten zij zich van de stad Delphi meester; thans zagen zij zich in het bezit van het grootste Grieksche heiligdom, van alle schatten, die het vrome bijgeloof sinds eeuwen aan den Delphischen god had gewijd. A olgens de opgave van Diodorus bedroeg de waarde dezer schatten meer dan 10,000 talenten, meer dan zes en twintig millioen gulden van onze munt.

In dien tijd had het gebruik van huurtroepen in Griekenland reeds eene zeer groote uitbreiding verkregen. In de meeste staten achtten de rijke, aan een gemakkelijk leven gewende burgers het beneden zich zelf als krijgslieden dienst te doen; in hunne plaats had men immers stoutmoedige avonturiers, die tegen eene goede soldij en op hoop van een rijken buit volgaarne in den dienst van ieder traden, die bereid was om hen te betalen. De Delphische

Sluiten