Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitgeput na een enkelen korten veldtocht; de bevolking der geheele monarchie was ontevreden; in Hongarije scheen een nieuwe omwenteling voor de deur te staan, en in Europa stond Oostenrijk vrijwel geïsoleerd. De keizer had zich dan ook gehaast vrede te sluiten en, blijde althans Venetië te hebben behouden, onthield hij zich weldra voor goed van elke inmenging in de Ttaliaansche zaken. Maar de leiding in Duitschland dacht hij des te minder uit de handen te geven.

De hoofdzaak was echter voor het oogenblik, binnen het rijk nieuwe levensvatbare toestanden in het leven te roepen, en bovenal de Hongaren te bevredigen. Maar daartoe was het noodig dat de regeering nieuwe wegen insloeg. Het ontslag van den bekenden Bach, den minister van binnenlandsche zaken, wiens naam met de ergste daden der reactie vereenzelvigd was, in Augustus 1859, was het eerste bewijs van een breuk met het absolutistische en centralistische stelsel, dat sinds 1849 in de monarchie had geheerscht. Het optreden vau den Poolschen graaf Goluchowski, als zijn opvolger, was al een stap in de federalistische richting. De officieuse pers verklaarde tevens dat Oostenrijk een samenstel was van zelfstandige organismen , die in een centraal-organisme vereenigd waren.

De erkenning der landstalen op de volksschool in alle gewesten der monarchie (terwijl tot nog toe het gebruik van het Duitsch verplicht was), vrijzinniger bepalingen omtrent de kerken en scholen der protestanten in de landen der Hongaarsche kroon, die sinds het concordaat onder ergen druk verkeerden, toekenning van rechtsgelijkheid aan de Grieksch-orthodoxe Kerk volgden. Zelfs de Joden werden van enkele beperkende bepalingen ontheven. Maar niets scheen duidelijker de liberale gezindheid der regeering aan te toonen dan het aftreden van graaf Grunne, den in militaire zaken almachtigen adjudant-generaal des keizers, die in die hoedanigheid feitelijk minister van oorlog was.

Hij en Bach waren de betes noires van het publiek, dat, in Weenen nog meer dan elders, alleen op de personen lette en de staatkundige toestanden afmat naar de meerdere of mindere populariteit der personen , die heetten er den meesteu invloed op uit te oefenen. Grunne's val beteekende een ernstige nederlaag voor de militaire hofpartij, die sedert Schwarzenberg's optreden in vele opzichten den staat had beheerscht.

Die partij wilde van geen concessiën weten, terwijl daarentegen de

Sluiten