Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welgeslaagde poging om het grootendeels onbewoonde eiland te koloniseeren, moest vooral dienen om dat te voorkomen. Zelfs Yenomoto en de zijnen hadden dezen grond aangevoerd voor hun verzoek om Yeso tot een Tokoegawa-leenstaat te maken. In Rusland had reeds het oude Japan een gevaarlijken nabuur gezien, het jonge beschouwde het als den nationale» vijand. Daarentegen verachtte het de Chineezen diep, die zich zooveel van de Europeanen hadden laten welgevallen; terwijl dezen wederkeerig de modemiseering van Japan met leede oogen aanzagen, dat vroeger alleen van China zijn beschaving ontving en dat zij als eenigerinate aan China ondergeschikt beschouwden. Reeds toen zouden de door Japan op Korea uitgeoefende dwang — van welk land het in 1874 en later, door op dezelfde wijze op te treden als de Europeesche mogendheden tegen Aziatische plachten te doen, dan ook een traktaat afdwong, — en de onder voorwendsel eener bestraffing voor rooverijen ondernomen aanval op Formosa, aanleiding tot een oorlog met China hebben kunnen geven, als niet de Europeesche bemiddeling, gesteund door de vredespartij in het land, tusschen beiden waren gekomen.

Maar juist dat laatste schijnt den toorn van allen, die van de omwenteling geheel andere gevolgen hadden verwacht en de vele, in hun hart van de westersche gewoonten afkeerigen, ten hoogste te hebben geprikkeld. Reeds in hetzelfde jaar, 1874, had de opstand van de Hezen-samoeraï's in het zuidwesten van Kioesjsoe, die door afgetreden leden der regeeriug was geleid geworden en door Okoebo met groote energie, maar met betrekkelijk veel bloedvergieten was gedempt, groote ongerustheid verwekt, en er waren er niet weinigen, die beweerden dat de onderneming tegen Formosa alleen plaats had om de onrustige geesten bezig te houden. Dit scheen te meer noodig, daar sinds het jaar 1872 dagbladen in het Japansch waren begonnen te verschijnen, die eerst uitsluitend nieuwsbladen, weldra hun westersche en in het bijzonder hun Amerikaansche voorbeelden nastreefden, en de gebeurtenissen, zaken en personen begonnen te bespreken met een vrijmoedigheid, die aan de regeering niet weinig aanstoot gaf. In den loop van het jaar 1874 waren niet alleen in Tokio en de andere groote steden, maar reeds in bijna alle provinciën bladen, die alles kritiseerden en niet zelden hun lezers tegen regeeringsmaatregelen opzetten en allerlei onbescheidenheden begingen, door dingen te openbaren, die de regeering geheim wilde gehouden hebben. Het gevolg was het instellen eener

Sluiten