Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

om door den Koning te worden ontvangen in een afscheidsaudientie. Zij werd hem den volgenden dag aan liet station te Ems verleend, bij welke gelegenheid de Koning herhaalde dat hij niets meer kon zeggen en dat de zaak verder met zijne ministers moest behandeld worden.

Bismarck had rustig te Varzin, zijn landgoed in Achter-Pommeren, de uitbarsting afgewacht. Toen Gramont zijne eerste verklaring in de Kamer had afgelegd, achtte Bismarck reed:. Jat er alle aanleiding was om tot militaire maatregelen over te gaan; hij verliet Varzin dan ook 12 Juli met het voornemen om zich naar Ems te begeven en ontveinsde niet, dat hij ging om den oorlog voor te bereiden. Te Berlijn aangekomen ontving hij het bericht van de onderhandelingen van den Koning met Benedetti, die hem zeer verontrustten, te meer toen hij vernam dat Koningin Augusta, de heftige tegenstandster zijner staatkunde, uit Coblenz, waar zij gewoonlijk den zomer doorbracht, een bezoek aan den Koning had gebracht. Aan tafel zittende met Eoon en Moltke, werd hem de tijding gebracht dat de Prins von Hohenzollern op zijne aanvaarding der candidatuur was teruggekomen. Nu maakte verslagenheid zich geheel van hem meester, hij gaf zijn plan om naar Ems te gaan op, meldde aan zijne huisgenooten te Varzin zijne spoedige terugkomst en maakte zich gereed zijn ontslag te vragen. Op den volgenden dag, wederom met Koon en Moltke aan het middagmaal zittende, in zeer gedrukte stemming, werd hem een draadbericht uit Ems gebracht, het verhaal behelzende van de vruchtelooze pogingen van Benedetti; de Keizer, zoo luidde het slot, laat het aan U over of deze nieuwe eisch van Benedetti en de weigering daarvan aan onze gezanten en aan de pers moet worden medegedeeld. Aanvankelijk verstoord over de voortzetting der onderhandelingen, kwam Bismarck na lezing der slotwoorden tot het besef dat nu de mogelijkheid niet was uitgesloten om, door openbaarmaking van het bericht, Frankrijk in de noodzakelijkheid te brengen om den oorlog te verklaren. Toen Moltke hem de verzekering had gegeven, dat een zoo snel mogelijk uitbreken van den oorlog voor Duitschland voordeelig zoude zijn, maakte Bismarck een uittreksel uit het hem toegezonden bericht voor de pers en voor de gezanten, waarin wel geen onjuistheid voorkwam, maar de geheele toedracht van zaken zoodanig werd voorgesteld, dat het den schijn had alsof de Koning, verontwaardigd over de uittartende houding van den ambassadeur, op hooghartige wijze dezen had afgescheept. Deze mededeeling, zoo zeide Bismarck aan zijne gasten, zal de roode lap zijn

Sluiten