Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ruimen met de volledige vrijheid het met zijne troepen te bezetten, dan zouden wellicht Yictor Emanuel's ministers, Lanza en Sella in een bondgenootschap met Frankrijk bewilligd hebben, maar de Keizerin en Gramont wilden in geen geval den Paus opofferen, en Napoleon III liet zich overreden om aan den Koning van Italië de bepalingen van het Septemberverdrag van 1864 als voorwaarde voor het vertrek der Fransche troepen uit Rome voor te stellen. De Italiaansche ministers, die toch reeds uit geldelijke en krijgskundige overwegingen zeer sterk tegen deelneming aan den oorlog waren, verklaarden openhartig aan den Koning, dat zij voor een hernieuwing van het Septemberverdrag met het oog op de stemming van het Italiaansche volk de verantwoordelijkheid niet durfden aanvaarden en de Koning begreep ten slotte dat de onzijdigheid voor Italië de eenig mogelijke staatkunde was.

Dat ook Engeland onzijdig bleef sprak vanzelf. Bij het uitbreken van den oorlog was evenwel de stemming in Engeland eerder gunstig voor Frankrijk dan voor Duitschland. Hierin kwam wel eenige verandering toen Bismarck het ontwerp van een geheim traktaat liet openbaar maken, eigenhandig geschreven door den Franschen ambassadeur te Berlijn, Benedetti, in de dagen na den vrede van Nikolsburg, zooals wij reeds verhaald hebben (blz. 227). Dit ontwerp, dat Pruisen's goedkeuring van de annexatie van België door Frankrijk beoogde, maakte in Engeland, waar de onafhankelijkheid van België altijd beschouwd werd als een zaak waarbij Engelands eer gemoeid was, grooten indruk. Er begon zich een kleine rimpeling te vertoonen op het effen vlak der Engelsche maatschappij, die tot nog toe rustig en kalm de groote gebeurtenissen op het vaste land gadesloeg. Gladstone, de eerste minister en Lord Granville, de minister van Buitenlandsche Zaken, beijverden zich om de bezorgde gemoederen gerust te stellen. Zij waren er van overtuigd dat Engeland alleen de onzijdigheid van België niet kon verdedigen, want de minister van oorlog had een ontkennend antwoord gegeven op de vraag of, zonder buitengewone maatregelen te nemen, het mogelijk zoude zijn op stel en sprong een behoorlijke legermacht naar Antwerpen te zenden. Toen besloot de Engelsche regeering, op Gladstone's voorstel, aan Pruisen en Frankrijk beide een verdrag voor te stellen, waarbij Engeland zich verbond om indien een dezer beide mogendheden de onzijdigheid van België schond, met de andere te zullen samenwerken om die te verdedigen, doch geen andere samenwerking te zullen verleenen dan uitsluitend voor dit doel. Te Berlijn werd dit voorstel dadelijk aange-

Sluiten