Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

betuigingen van vriendschap tot een bezoek aan Antigonus uitgenoodigd, gevangen genomen en ter dood gebracht; andere bevelhebbers ondergingen een dergelijk lot. Van de overige satrapen kwam Seleucus, de stadhouder van Babylonië. een hoogst beroemd veldheer, hem het gevaarlijkst voor. Eerst kort geleden had hij zich zeer verdienstelijk gemaakt door Susa in te nemen en deze stad met al de daar aanwezige schatten aan Antigonus in handen te leveren; tol belooning hiervoor zou Susiana aan zijne satrapie toegevoegd worden. Maar Antigonus dacht er niet aan, de macht van den gevaarlijken man nog uit te breiden, hij hield zijne belofte niet, maar benoemde -..en onbeduidend man tot satraap van Susiana. terwijl hij slechts op eene gunstige gelegenheid wachtte om Seleucus geheel ten ouder te brengen. Deze gelegenheid hoopte hij spoedig te vinden.

Van Susa, waar Antigonus de daar nog opgestapelde schatten in ontvangst genomen had, trok hij naar Babylonië. Wel had Seleucus rechtmatige reden om zich boos te loonen. wijl hem het stadhouderschap van Susiana onthouden was, maar hij vreesde Antigonus, hij meende met hem op een vriendschappelijken voet le moeten blijven en overwon derhalve zijn misnoegen. Hij kwam met de meeste vriendelijkheid zijn ouden bondgenoot te gemoet, bracht hem overvloedige en kostbare geschenken, richtte voor het leger van Antigonus gastmalen en andere feesten aan en spande alle krachten in om de vriendschap van den machtigen man te behouden.

Wie eene aanleiding tot twist zoekt, vindt haar zeker. Ook Antigonus zocht haar niet tevergeefs. Iiij eene onbeduidende omstandigheid gedroeg hij zich zeer hard en heerschzuchtig tegen Seleucus. hij behandelde hem als zijn ondergeschikte, door van hem verantwoording van de ontvangsten en uitgaven zijner satrapie te vorderen, zoodat Seleucus ten slotte tot verzet geprikkeld werd.

De stadhouder begreep, dat Antigonus slechts een voorwendsel zocht om hem hetzelfde lot als Python te bereiden. Hij zocht dienvolgens zijn heil in de vlucht. Slechts door tiO ruiters vergezeld, verliet hij tegen hel einde van hel jaar 316 in alle stilte Babyion. Zijne vlucht gelukte, ofschoon Antigonus hem ruiters nazond, die hem echter niet konden inhalen. Seleucus stelde zich onder bescherming van Ptolemaeüs van Egypte.

Thans eerst gevoelde Antigonus zich onbeperkt gebieder, zijne gevaarlijkste vijanden waren vernietigd. Van de overige satrapen van Azië had hij weinig te vreezen; de eenige, die iets beteekende, was Asander, de broeder van Parmenio, de satraap van Carië, die in westelijk Klein-Azië zijn stadhouderschap uitgebreid had. Slechts Ptolemaeüs, die Seleucus in Egyple gastvrij opgenomen had, was nog een vijand, die door zijne macht bezorgdheid inboezemde, wanneer hij, gelijk te verwachten was, naar de wapenen greep, dewijl de uitbreiding van Antigonus' heerschappij over bijna geheel Azië in zijn oog gevaarlijk moest wezen. Dit geschiedde ook.

Ptolemaeüs had zich, behalve Egypte, ook Syrië en Phoenicië onderworpen, hij had deze landen noodig voor zijne vloten, voor den handel van zijn rijk. Voor den beheerscher van Azië waren zij niet minder belangrijk, tusschen hen beiden moest het dus vroeger of later tot een oorlog komen. Antigonus wist dit, en trok dus met zijne troepen naar hel westen. Na in Cilicië overwinterd te hebben, rukte hij in de lente van 31a zuidwaarts, ten einde elk oogenblik bereid le zijn om Syrië en Phoenicië te veroveren. Intusschen zond hij gezanten inet vriendschapsbetuigingen lot Ptolemaeüs, Lysiinachus en Cassander.

Zijne verzekeringen vonden geen geloof meer. Ptolemaeüs had door Seleucus het bericht van Antigonus' trouweloosheid ontvangen; hij was besloten, zich niet bloot te stellen aan het gevaar om afzonderlijk tegen den machtigen man te moeten strijden en had zich hierom bijtijds lot Cassander en Lysiinachus, den beheerscher van Thracië, gewend. Met deze mannen had hij, even als met Seleucus en waarschijnlijk ook met Asander, een aanvallend en verdedigend verbond gesloten.

Sluiten