Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet schroomde legen onzedelijkheid en onwaarheid strijd te voeten waai lu die ook mocht aantreffen. Bovenal maakte men hem .een verwij er van dal velen zijner leerlingen zich tegen de democratie vijandig heloonden. Zijn tecenslanders trokken uit de omstandigheid, dat de ontaarde democraat A bi ad es en de wreede lyran Crilias leerlingen van Socrates gewast waren he besluit, dat zijn onderwijs verderfelijk werken moest, da "J " , ° d van den staat ondermijnde en minachting voor den

Vele jaren leefde en werkte Socrates ongehinderd voort zei s mulei (le redering der dertig tvrannen werd zijne veiligheid niet bedreigd. Doch^i de democratische staatsregeling te Athene opnieuw was inge\oerd, ^

denken aan den schandelijken Critias. gepord aan ,le onsJa ,hud. Ut een leerling van den wijsgeer was geweest, zoo sterk da hans de vganue van Socrates in het openbaar met eene vormelijke aanklacht U en en ko optreden. Een looier, Anytus, een aanzienlijk man, die zich jegens den sta zMr verdienstelijk gemaakt had. door aan de zijde van Thrasybulus aan d. verdrijving van de dertig tyrannen deel te nemen, haatte Socrates, w jl .leze zijn zoon van het vaderlijk bedrijf alkeerig had gemaakt. Hij sloeg de handen ineen met een rhetor Lycon en een onbeduidend dichter Meletus, om lea»" klacht in te dienen, dat Socrates de goden van den staat pochende. dejeub

bedieii, den staat in gevaar bracht en daarom leerlingen

In de acte van beschuldiging werd beweerd dat S^cra ®s/ f (,f^Xk verachting voor de staatsregeling van Athene inboezemde dat bij tt gebru om de archonten bij het lot te kiezen, dwaas genoemd h^, devwjl geen ^ standi" man voor een schip een stuurman bij het lot kieze , J

schade die uit de onkunde of slechtheid van een stu",™aknwa\7^1^e1^rctont toch veel geringer was dan die, welke een onbekwame ofkwaadwil i,,e arctiion den staal kon berokkenen. Anytus beweerde, dat zulk een onderwijs d achting voor de wet en voor de Atheensche staatsregeling vermetele, dat hij de jongelieden ruw en losbandig maakte; dat het \ooibe < < 1 ,

Alcibiades bewees, hoe schadelijk zulke leerstelIhngen len gen tod waren in de school van Socrates gevormd, terwijl Critias de w ilkeur g». en wreedste der dertig tyrannen, Acil.iades de onbeschaamdste en Iwtandiot burger van Athene, °ja een schandvlek der democratie geweest was edat deze beide leerlingen van den wijsgeer den staat onberekenbare schade toe e bracht hadden; voorts verklaarde hij. dat Socrates de jongelingen hoog i, maakte, dat hij hen in den waan bracht, dat zij

vaders, .lat hij hen leerde met minachting op hunne oudere bbtHlverwan e „eer te zien; 'dat hij uit de uitstekendste dichters de slechtste pl'^e" a. voerde, alleen om de jonkheid te bederven; dal hij b v zelfs de, hee k zangen van Homerus misbruikt had om te bewijzen, da men ar me lieden vrijelijk mocht mishandelen. Op dergelijke gronden rustte de aanklacht wegen.

goddeloosheid, tegen den wijsgeer ingebracht.

Een merkwaardig rechtsgeding, waarvan men m de ^sch'edems de wee gade tevergeefs zou zoeken, werd tegen Socrates aangevangen. De p • achtte het heneden zich maatregelen tot zijne verdediging >' n< mi .

zijn vriend Ilermogenes hem onder het oog trachtte te brengen;8®vaarl j zulk een verzuim worden kon, antwoordde Socrates dat het bewusUijn van zijn rechtvaardig en smetteloos leven de beste, voorbereiding Yooi zijn dediging zou zijn. Hij voegde er bij, dat het geen wonder was wanneer ik goden het beter achtten, hem thans te doen sterven dan hem lanBer 11 feven te laten, daar hij tot dusver in volle tevredenheid en in liet genot van de achting zijner vrienden geleefd had, terwijl hij spoedig de gebleken va den ouderdom gevoelen, zijne geestvermogens voor een deel \eiWczen *" ' , ondragelijk leven leiden zou. Verd hij thans door de rechters veroordeel^ dan zou dit eene onrechtvaardigheid zijn, waarvan de schande nie P • hoofd, maar op dat zijner rechters zou neerkomen; ja deze veroordeelin0

Sluiten