Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Aristoteles voerde liet eerst eene op wetenschappelijke gronden rustende verdeeling van alle takken der wijsbegeerte in; hij maakte daarvan een samenhangend volgens bepaalde beginselen geórdend geheel, en schonk haar eene nieuwe wetenschappelijke taal, die van liet vroegere dichterlijke spraakgebruik zeer verre afweek. We zijn tot ons leedsvezen evenmin in staat om onzen lezers eene volledige voorstelling van de wijsbegeerte van Aristoteles als van die van Plato te geven. Van hoeveel beteekenis echter de wetenschappelijke werkzaamheid van dezen grooten onderzoeker geweest is. kunnen onze lezers opmaken uit de omstandigheid, dat zijne schriften over de Logica, d. 1. ovei de leer der wetten van het denken, nog heden ten dage den grondslag dezei wetenschap uitmaken en dat het onderzoek van meer dan twee duizend jaren daarin slechts weinig verandering heeft aangebracht.

Al bracht Aristoteles het ook in alle overige takken der wetenschap niet zóó ver, toch schiep hij voor alle een nieuwen wetenschappehjken grondslag en baande hij daardoor aan latere geleerden den weg voor hunne navorsclnngen. Alleen zijn voorafgegane arbeid had het mogelijk gemaakt, dat 111 de onrustige lijden na den dood van Alexander den Grooten 111 het Egyptische A exandne eene school van geleerden ontslond, die op de ontwikkeling der exacte welenschappen, der natuur- en geneeskunde, der wis- en sterrenkunde, den gewichtigsten en heilzaamsten invloed zou uitoefenen. De natuurwetenschappen waren door Aristoteles eigenlijk het eerst in het leven geroepen althans liet eerst tot werkelijke wetenschap verheven. Theophrastus had de leemten aangevuld, die in liet werk zijns leermeesters nog overgebleven waren. In Alexandrië werden de verdere onderzoekingen op dit gebied door de Ptolemaeen begunstigd; deze koningen legden voortreffelijke verzamelingen van natuurlijke historie aan, zij lieten zeldzame dieren naar Alexandrië brengen en daai onderhouden; /.ij legden zicli met inspanning van al hunne krachten op het vormen van grondige geleerden toe. De geest des tijds na den dood van Alexander was hij uitnemendheid practisch. vandaar dat ook te Alexandne de natuurwetenschappen met hel oog op 's menschen werkelijke belioetten en vooral op de geneeskunde beoefend werden. Twee beroemde lijfartsen dei Ptolemaeen, Herophilus van Chalcedon en Erasitratus van liet eiland Leos. riepen een nieuw wetenschappelijk stelsel voor de geneeskunde in hel '«ven. Op koninklijk bevel werden hun, in weerwil van de vooroordeelen welke de Eavptenaars en Grieken tegen de ontleding van menschelijke lichamen koesterden. lijken overgeleverd, opdat zij die tot hunne ontleedkundige studiën konden

UUn Men verhaalt, dal zij niet slechts op doode, inaar ook op levende lichamen hunne proeven namen, dal voor hun onderzoek en hunne proefnemingen misdadigers in hunne handen gesteld werden; doch dit verhaal behoort ongetwijfeld lol het rijk der legende. Herophilus was buitendien een voortretlehjk botanicus; zijne onderzoekingen werden door Dioscorides voortgezet De laatste schreef een werk, dal tot in de middeleeuwen den grondslag der botanie uitmaakte. Nog meer dan de natuurwetenschappen werd de wiskunde te Alexandrië beoefend. Aristoteles had ook in de wiskunstige wetenschappen den eersten grond voor eene waarlijk wetenschappelijke beoefening gelegd dooi die van andere vakken af te zonderen. Euclides bouwde op dezen grondslag verder voort. hij werd de vader der Mathesis, der Geometrie en der Stereometrie, naardien hij een stelsel schiep en eene leerwijze uitdacht, die tot op onzen tijd als wetenschappelijk juist erkend worden. Hij was zoo trotsch op zijn stelsel, dal hij eens, toen koning Plolemaeüs Soter hem vroeg, of zijne leerwijze om de Geometrie te leeren niet te langwijlig vyas, of hij hem niet een korteren weg kon aanwijzen, len antwoord gaf: »er bestaat om de Geometrie te leeren geen bijzondere weg voor koningen .

Uit de Alexandrijnsche school is ook de grootste werktuigkundige de oudheid, Arcliimedes, voortgekomen. Hij was omstreeks het jaar 287 te hyra-

Sluiten