Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dat legercorps, hetwelk tol heden gestaan had onder het commando van Cnejus Pompejus Strabo, een lid der ridderschap; want Sulla vertrouwde laatstgenoemden niet, daar deze eene dubbelzinnige houding had aangenomen. Quintus Pompejus Rufus vertrok terstond, om het bevel over het leger te aanvaarden. Maar nauwelijks was hij op de plaats zijner bestemming aangekomen, of hij werd door de soldaten omgebracht. Strabo zelf, zegt men, had bevel tot den moord gegeven. Sulla waagde het echter niet hem ter verantwoording te roepen; hij durfde niet te gelijker tijd het volk en het leger tegen zich in het harnas jagen. Hij benoemde dus alleen Quintus Metellus Pius, dien hij volkomen vertrouwen kon, tot bevelhebber over het tweede legercorps, dat in Samnium stond, en scheepte zich hierop, in het begin van het jaar 87, met zijne legioenen naar Azië in. Het was hoog tijd, want na het verstrijken van zijn consulaat had hij zich zonder groole inspanning te Rome niet meer kunnen staande houden. Reeds was hij door een der tribunen voor het volksgericht gedagvaard; een nieuwe storm wachtte hem en in dezen zou een der consuls, Cinna, ongetwijfeld zijn hevigste tegenstander geweest zijn.

DRIE EN VIJFTIGSTE HOOFDSTUK.

-Mithridates de Groote en zijne veroveringen. Rijk en leger van Mithridates. Oorlog met de Romeinen. Moord op de Romeinen in Azië gepleegd. Opstand in Griekenland. Sulla in Griekenland. Verovering van Athene. Slag bij Chaeronea en Orchomenus. Overwinningen van Fimbria. Onderhandelingen. Vrede met Mithridates. Dood van Fimbria. Sulla's terugtocht.

In het verre Oosten was tegen Rome een geducht vijand opgestaan: Mithridates VI, Eupator, ook de Groote bijgenaamd, koning van Pontus. Mithridates stamde af uit het geslacht der oude Perzische koningen; in het jaar 120 was hij, als elfjarige knaap, na het vermoorden van zijn vader, koning geworden. Onder de voogdijschap zijner moeder had hij velerlei ellende te verduren gehad. Zijne eigene moeder stond haar zoon naar het leven, en hij kon zich slechts door de vlucht en door een zevenjarig verblijf in de onherbergzame wouden van zijn vaderland redden. Toen hij tot jongeling was opgegroeid, keerde hij terug, om den troon in bezit te nemen, die hem toekwam.

De levensgeschiedenis van Mithridates is doorweven met sagen. De Oosterlingen hebben den gevreesden man tot held verheven. De rustelooze vijand der Romeinen was in hun oog een onvergelijkelijk kampvechter. Zijne persoonlijke dapperheid, zijn moed, zijne geestkracht, die hem nooit verliet, lokten als het ware de sage uil, om zijne levensgeschiedenis met hare verdichtselen op te sieren.

Van een reusachtigen lichaamsbouw, begaafd met eene spierkracht die daaraan ten volle beantwoordde, gehard tegen alle vermoeienissen en ontberingen van den oorlog, door het zwervend leven in zijne jeugd geleid, maakte hij als krijgsman zoowel de bewondering der Aziaten als der Romeinen gaande. Hij kon het wildste ros temmen en op één dag vijf en twintig mijlen op verschillende paarden afleggen, zonder zich te vermoeien. In het woud haalde hij het vlugste wild in, nooit miste zijn schot; hij was de eerste op de jacht, de eerste in den strijd, maar ook de eerste aan den disch. Rij de slemp-

Sluiten