Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

EEN EN ZEVENTIGSTE HOOFDSTUK.

Welk oordeel moet over Augustus geveld worden? Rogeards gesprekken van Labienus. Hoeks beschrijving van Augustus' karakter. Vrede en rnst te Rome. Rome onder Augustus' regeering. Romeinsche boekhandel. Romeinsche uitspanningen. Het hazardspel. Het balspel. De openbare baden. De woningen. De villa's. De maaltijden Grieksche lichtekooien te Rome. Algemeene zedeloosheid. Het huwelijk een noodzakelijk kwaad. Wetten van Augustus tot bestrijdiug van de onzedelijkheid. De opvoeding. De scholen. De slaven.

Meestal is 't het lot van uitstekende mannen, van dezulken, die hun tijd verre vooruit zijn, door hunne tijdgenooten miskend en belasterd te worden.

Augustus deelde niet in dat lot, omdat hij geheel en al een kind van zijn tijd was, omdat in al zijne gebreken zoowel als in zijne goede eigenschappen liet volkskarakter der Romeinen van die dagen zich afspiegelde. Zijne gevoelloosheid, de wreedheid, waaraan hij zich als triumvir schuldig maakte, de brandende eerzucht, die de drijfveer van al zijne daden was, de geveinsdheid, die hem altijd en tegenover een elk eene rol deed spelen, verwonderden het Romeinsche volk niet, daar alle aanzienlijke Romeinen dier dagen dezelfde karaktertrekken vertoonden, al was het dan ook niet op zulk eene in het oog vallende wijze als Augustus. Doch op des te hooger prijs stelde het volk dan ook de gematigdheid, waarmee de keizer zich gedroeg, nadat hij zich van de alleenheerschappij had meester gemaakt. Het zag alle gebreken van den machtigen man over het hoofd en schreef hem zelfs deugden toe, die hij nooit heeft bezeten.

Toen de senaat Augustus na zijn dood onder de goden opnam, was hij slechts de tolk der gevoelens, die het geheele volk bezielden, hetwelk in de eerste oogenblikken na het overlijden van zijn gebieder te meer geneigd was om den gestorvene goddelijke eer te bewijzen, naarmate het met grooter vrees de toekomst en de regeering van Tiberius te gemoet zag.

Het Romeinsche volk, dat zich sedert lang aan de vrijheid ontwend had, dat sinds meer dan eene eeuw de speelbal en het werktuig in de hand van enkele eerzuclitigen geweest was, beschouwde niet geheel ten onrechte Augustus als zijn redder uit den hoogsten nood.

A\elk eene ellende had te Rome onder het bestuur der driemannen geheerscht! Naar buiten oorlog; van binnen het leven en de bezittingen deiburgers niet langer veilig; moord en brand te Rome en in de provinciën; doodvonnissen in een onnoemlijk aantal voltrokken; ziekten en hongersnood, stilstand van handel en nijverheid. Voor zulk eene ellende was het opgewekt staatkundig leven in het oog der aan genot en uitspanning verslaafde menigte al eene zeer schrale vergoeding.

De regeering van den eersten keizer had aan al deze jammeren paal en perk gesteld. Het Rome uit de dagen van Augustus had schier geen enkel punt van overeenkomst meer met hel Rome uit de laatste tijden der republiek. Doch even weinig geleken de Romeinen uit den keizertijd, die geen ander levensdoel kenden dan de kunst om het leven te genieten tot den hoogst

Sluiten