Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De Christenen, zoo heette het, vierden afschuwelijke feesten. Wanneer zij een proseliet voor hun geloof gewonnen hadden, werd hem een pasgeboren kind. geheel met meel overdekt, als een mystiek symbool voorgelegd, opdat hij, zonder het te weten, dit met zijn mes doodelijke wonden toe zou brengen. Terstond na den moord van het kind werd door de aanwezigen het bloed gedronken en werden de nog lillende ledematen met dierlijken lust vaneen gereten. Hiermede was de proseliet in de gemeente opgenomen; hij was medeplichtig aan den moord, op het kind gepleegd, en door het bewustzijn zijner schuld tot eeuwige stilzwijgendheid gedwongen.

Op dit menscfaenotfer volgde, gelijk verhaald werd, een helsch drinkgelag, waarbij op een bepaald oogenblik alle lichten werden uitgedoofd. In het duister van den nacht pleegden alsdan Christenen en Christinnen onder elkander de afschuwelijkste bloedzonden; broeders omhelsden hunne zusters, moeders hare zonen.

Hel was niet onnatuurlijk dat tegen eeiie godsdienstige vereeniging, die onder de verdenking van zulke gruwelen lag, de volkshaat ontvlamde, en even verklaarbaar is het tevens, dat deze haat zich meermalen uitte in wreede vervolging, liij de openbare spelen eisehle zelfs het volk, dat de Christenen den wilden dieren zouden voorgeworpen worden; inzonderheid had dit plaats, wanneer de staal door algemeene rampen, als hongersnood en pest, geteisterd werd, welke het bijgeloof op rekening stelde van de godtergende handelingen der Christenen. *)

De stadhouders der provinciën, onder wier toezicht deze spelen gehouden werden, weigerden zelden den onstuimigen eisch van het volk in te willigen, naardien de meeste Christenen slechts arme lieden, voor het grootste gedeelte slaven waren, wier leven niet de minste waarde had. Beter was het, een verachten slaaf den leeuwen voor te werpen, dan het volk door eene weigering te ontstemmen.

De haat, die op de Christenen rustte, noodzaakte de overheden meermalen om ook langs wettigen weg de dwepers te vervolgen.

De geschiedenis gewaagt van tien vervolgingen der Christenen, gerekend van den tijd van Nero tot aan het begin der vierde eeuw. Gaan wij nauwkeurig de geschiedenis dezer vervolgingen na, dan kunnen wij geen onvoorwaardelijk geloof slaan aan de waarheid der overgeleverde berichten, die ons bijna zonder onderscheid door Christelijke geschiedschrijvers zijn meegedeeld en het karakter van overdrijving, ja zelfs van verdichting dragen. Dat werkelijk vervolgingen en dikwijls zeer wreede vervolgingen hebben plaats gehad, is boven allen twijfel verheven, doch hel gewicht dier gebeurtenissen, alsmede het aantal der slachtoffers is ongetwijfeld vergroot.

De Christelijke geschiedschrijvers der eerste eeuwen pulten deels uit troebele bronnen, waaraan zij in hunne lichtgelovigheid een onbepaald vertrouwen schonken, deels waren zij maar al te zeer geneigd, om zelf tot verheerlijking van het Christelijk geloof en tot vernedering van het gehate heidendom overdreven schilderingen op te hangen. Ten gevolge hiervan treden wij in de geschiedenis der eerste martelaren eene reeks van verdichtselen aan, die ons nochtans als zuivere waarheid worden meegedeeld. Niet, dat wij hiermede den heldenmoed, de standvastigheid en zelfopoffering verdacht willen maken,

*) Er is niets nieuws onder de zon. Merkwaardig t°ch *8 het, dat dezelfde beschuldigingen, die in de middeleeuwen door de fanat'eke Christenen tegen de ongelukkige Joden werden ingebracht, beschuldigingen ten gevolge waarvan men de Joden aan de vlammen van den brandstapel overleverde, in de eerste tijden den Christenen van de zijde der Romeinen werden toegedicht. Het vermoorden van onschuldige kinderen, het veroorzaken van hongersnood door woekerhandel in granen, en van pest, door het vergiftigen van bronnen en beken werd den Christenen door de heidenen en later den Joden door de Christenen ten laste gelegd. Zulke onzinnige geruchten waren in de middeleeuwen een welkom middel om de Joden te vervolgen, in den ouden tijd werden zij aangewend om de Christenen te verontrusten.

Sluiten