Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Den ouden Maximinianus had reeds sedert lang de werkeloosheid verdroten, waartoe hij door het besluit van Diocletianus veroordeeld was. De verheffing van zijn zoon gaf hem het voorwendsel aan de hand, om zijn afstand van den troon te herroepen; ook hij nam opnieuw den titel van augustus aan. Ter ondersteuning van zijn zoon snelde liij naar Rome, waar hij met open armen ontvangen werd door de oude strijders, die vroeger onder zijne bevelen gediend en zoo menige overwinning behaald hadden. Met deze legermacht trok hij tegen Severus op.

Maximinianus was een gevaarlijk tegenstander, want de soldaten van Severus verlieten hunne gelederen en schaarden zich rondom de standaards van den vijand, dien zij bestrijden moesten. Aldus door een groot deel zijner troepen verlaten, moest Severus aftrekken; hij vluchtte naar de sterke vesting Ravenna, waar hij door Maximinianus belegerd werd. Severus had zich in Ravenna zeker lang kunnen staande houden, want het viel hem gemakkelijk, voortdurend levensmiddelen aan te voeren, indien niet Maximinianus, om te eerder tot zijn doel te geraken, de toevlucht had genomen tot eene snoode list, Hij knoopte onderhandelingen met Severus aan en wist dezen te doen gelooven, dat onder de bezetting der vesting eene samenzwering was gesmeed. Hij beloofde het leven van zijn tegenstander te verschoonen en hem als ambteloos burger op eervolle wijze te behandelen, indien hij de vesting wilde overleveren.

Severus nam dit voorstel aan. Maximinianus bejegende hem met alle onderscheiding en voerde hem naar Rome. Oschoon hij den gevangene de plechtigste beloften gedaan bad, stond hij hem echter niets meer toe, dan de vrije keus van de wijze, waarop hij ter dood gebracht wilde worden, en eene keizerlijke begrafenis. Severus werd in Februari 307, volgens zijn wensch, door opening der aderen van het leven beroofd, terwijl zijn lijk werd bijgezet in den grafkelder, die voor de familie van keizer Galerius was gebouwd.

Het was te voorzien, dat Galerius den dood van zijn vriend zou wreken. Maximinianus zocht daarom een bondgenoot te winnen. Vergezeld van zijne dochter Faustina, reisde hij naar Gallië om Conslantijn tot zijne zijde over te halen. Hij bood dezen zijne dochter tot gemalin aan, en de huwelijksplechtigheid werd spoedig hierop met den grootsten luister gevierd. Als huwelijksgift ontving Constantijn van zijn schoonvader den rang van augustus.

Ofschoon Conslantijn door het aannemen van dien titel in zekeren zin partij gekozen had voor Maxentius, weigerde hij nochtans zijne legermacht naar Italië te voeren; bij wachtte liever den loop der dingen af en hield zich onzijdig; meer kon zijn schoonvader niet van hem verkrijgen.

Galerius was intusschen met een leger naar Ralië opgerukt. Hij was echter in zijne onderneming niet voorspoedig, want welhaast zag hij in, dat hij te zwak was, om den legioenen van Maximinianus, welke dezen trouw aanhingen, en den praetorianen van Maxentius met goed gevolg het hoofd te kunnen bieden. Hij trok daarom weder spoedig af. terwijl hij alleen door eene vreeselijke verwoesting van de Raliaansche provinciën wraak nam over den dood van Severus. In de plaats van Severus benoemde hij een oud vriend en dapper wapenbroeder, den Illyriör Licinius tot augustus. Om aan deze benoeming meer gewicht bij te zetten, had hij ook Diocletianus overgehaald, om de afzondering, waarin hij leefde, voor eene kleine poos te verlaten, ten einde de plechtigheid bij te wonen.

Door deze verheffing van Licinius had thans het Romeinsche rijk niet minder dan O keizers, want ook Maximinianus maakte aanspraak op den rang van augustus.

Galerius, Licinius, Maximinianus, Maxentius, Maximinus en Constantijn meenden allen gelijke rechten te hebben op de hoogste keizerlijke waardigheid en, alsof dit nog niet genoeg ware, wierp zich nog een zevende keizer op, een overweldiger in Afrika, Alexander genaamd, die echter slechts korten tijd

Sluiten