Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Dood van Lenox en Morton. Vervolging van andersdenkenden.

builenlandsche verwikkelingen, maar bovenal de toestand van Schotland maakten dien noodzakelijk.

In Schotland had de stadhouder, graaf Lenox, zich door zijne groote gestrengheid zeer gehaat gemaakt. Vooral duidde men het hem euvel, dal hij den aartsbisschop van St. Andrews, als medeplichtig aan den op Murray gepleegden moord, had laten ophangen. In het jaar 1571 was hij dan ook door zijne vijanden overvallen en gedood. Hij werd opgevolgd eerst voor een korten tijd door den graaf Mar en daarna door den vurigen protestant Morton, die met eene korte tusschenruimte tot het jaar 1581 regeerde en in een aanhoudenden strijd gewikkeld was met de hard door hem vervolgde katholieke partij.

In het jaar 1581 werd Morton ten val gebracht. Graaf Arran, de gunsteling van den jongen koning Jacobus VI, beschuldigde hem van medeplichtigheid aan den moord van Darnley. Na een zeer ongeregeld en schandelijk proces werd Morton den 2™ Juni 1581 ter dood gebracht.

In Engeland had gedurende dat alles de katholieke partij weder zoozeer in kracht gewonnen, dat zij Elisabeth en de protestanten ernstig in gevaar bracht, dewijl zij van den paus, van Philips II van Spanje en van de Fransche katholieken voortdurend ondersteuning ontving. In het buitenland, te Douay, Rlieims en Rome, werden priesterseminariën voor jonge Engelschen gesticht, die daar de beginselen van liet Jezuïetisme in zich opnamen en naar hun vaderland terugkeerden, om proselieten voor de heilige kerk te winnen en haat legen de kettersche koningin Ie zaaien.

Elisabeth verkeerde tegenover al die vijanden in een uiterst hachelijken toestand, te meer daar ook de dweepzieke aanhangers der hervorming, de puriteinen, wederdoopers en anderen, zich tegen hare gematigde hervormiugsmaatregelen verzetten. Was zij aanvankelijk geneigd geweest om op godsdienstig gebied eene zekere verdraagzaamheid te beoefenen, thans werd zij als het ware genoodzaakt andersdenkenden te vervolgen; de vervolging trol zoowel de katholieken als de wederdoopers en andere sektariërs. L)e strafwelten werden verscherpt, een grool aantal doodvonnissen werd uitgevoerd.

Toch kan hel niet ontkend worden, dat hel aantal van hen, die onder Elisabelhs regeering om des geloofs wille omgebracht zijn, zeer gering was in vergelijking van hen die in andere landen gelijktijdig door de heerschende katholieke kerk te vuur en zwaard vervolgd en gedood werden. Groot genoeg, ja al te groot blijft dat aantal echter altijd!

De verbittering der katholieken werd door deze vervolging natuurlijk slechts verhoogd; eene nieuwe samenzwering tegen Elisabelhs leven werd gesmeed, en hier en daar braken in Engeland en Schotland onlusten uit, die wel onderdrukt werden, maar toch het bewijs leverden, dat de katholieke partij niet rustte, dat zij iu onafgebroken verbintenis met Elisabeths builenlandsche vijanden stond en de hoop om Maria Stuarl op den Engelschen troon te plaatsen, niet opgegeven had.

Wellielil leende Elisabeth zich daarom niet ongaarne tot nieuwe onderhandelingen, toeu Maria Stuart haar in liet jaar 1582 na eene dertienjarige gevangenschap in een brief andermaal dringend om hare vrijheid smeekte; doch weder sprongen de onderhandelingen af, deels omdat de Scholten krachtig opkwamen tegen liet denkbeeld, dat eene katholieke, van de schandelijkste misdaden beschuldigde en door onverzoenlijke wraakzucht bezielde koningin weder op den troon van hun land geplaatst zou worden, deels wijl Burleigh en de overige protestantsche raadslieden van Elisabeth terecht vreesden, dal Maria Stuarl, zoodra zij in het bezit van hare vroegere macht hersteld was, zich geheel bij de dweepzieke Guisen in Frankrijk en bij Philips II van Spanje aansluiten zou, ten einde ook in Schotland de katholieke kerk te herstellen en de oproeren der katholieken in Engeland te ondersteunen.

Onder zulke omstandigheden scheen hel bijna onmogelijk, Maria Stuart

/

Sluiten