Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Verdrag van Linköping. Sigismunds vlucht.

Toen Sigismund dit schijnbaar zoo voordeelige verdrag sloot, zwiclille liij slechts voor den drang der omstandigheden. Hij wist zeer goed dal hij. als hij zijne Poolsehe troepen ontslagen zou hebben, weerloos tegenover den hertog zou zijn en dat de rijksdag niet in zijn voordeel, maar in dat van zijn oom zou beslissen. Hij wachtte dit alles niet af. In plaats van zich naar Stokholm te begeven, gelijk hij beloofd had, ging hij scheep. Van Calmar, waar bij eene Poolsehe bezetting achterliet, zeilde hij naar Danzig.

De koning bad door zijne vlucht het verdrag van 28 September verbroken. Een rijksdag, die in Februari 1599 te Linköping bijeenkwam, was althans van dit gevoelen en eischte van den koning, dal hij naar Zweden terugkeeren en de Poolsehe huurtroepen te Calmar ontslaan zou. Een tweede rijksda™ ging in Juli 1599 nog verder; bij zegde den koning de gehoorzaamheid op^ doch verklaarde te gelijk, dat Sigismunds zoon Wladislaus de erfgenaam der kroon blijven zou, indien de koning hem binnen een jaar naar Zweden zond, hem de rijkswetten als geldig erkennen en protestant worden liet. Geschiedde dit niet, dan zouden vader en zoon, ja alle erfgenamen van Sigismund alle aanspraak op den Zweedscben troon verliezen. Hertog Karei werd dan tot regeerend erfelijk vorst van Zweden benoemd.

Sigismund protesteerde natuurlijk tegen dergelijke besluiten en tegen de eigendunkelijke handelwijze van zijn oom. Hij beval aan Johan Sparre, den bevelhebber der door hem binnen Calmar achtergelaten troepen, de stad tol het uiterste te verdedigen. In Finland, waar bij de macht in handen had, vervolgde bij de aanhangers van hertog Karei. Doch al die maatregelen waren zoo weinig beteekenend, dat zij hem tegenover zijn doortastenden oom niets baatten. Ook een zeetocht, dien de koning van Danzig uit legen Elfsburg ondernam, wijl bij op een opstand te zijnen gunste rekende, liep geheel te niet. Evenmin gelukte het aan afgezanten des konings, in Üalecarlië een opstand tegen Karei Ie verwekken. De boeren stonden integendeel tegen hen op en vermoordden met verfijnde wreedheid alle aanhangers van Sigismund.

Intusschen zal hertog Karei niet stil. Alle aanhangers van zijn neef behandelde hij als landverraders: bij vervolgde hen met on menschel ij ke en meedoogenlooze wreedheid. Dood of gevangenschap was bun lot. en gelukkig mochten zij zich achtten, die voor hunne trouw aan den afwezigen koning slechts met verbanningen verbeurdverklaring van hunne goederen gestraft werden.

Na de verovering van Calmar stelde Karei Johan Sparre en vele andere bevelhebbers van lageren rang voor het gricht. Zij werden ter dood veroordeeld en hunne hoofden werden boven de poorten van Calmar op palen gestoken. Even wreed ging de hertog in Finland te werk. waarheen bij zich reeds in bet jaar 1599 met eene vloot en een leger begaf. Door een groot aantal doodvonnissen joeg hij Sigismunds aanhangers vrees aan.

Het lot der gevangen rijksraden werd op den rijksdag van Linköping in het jaar 1600 beslist. Voor eene rechtbank van 155 personen, uil alle standen, behalve de geestelijkheid, gekozen, werd het rechtsgeding van acht hoeren van den rijksraad en vijf andere edellieden gevoerd. Karei, die de rechters van den hem gezworen eed ontsloeg, trad zelf als aanklager op. De punten van beschuldiging werden voorgelezen door Erich Göransson Tegel, den zoon van den berucblen Göran Persson, die in zedelijk opzicht niet ver boven zijn vader stond, doch zich laler door zijne geschiedkundige werken over Guslaaf I en Erich XIV beroemd gemaakt heeft.

Op een rechtvaardig vonnis hadden de aangeklaagden bij de hartstochtelijke partijschap, die in het land heerschte, niet te hopen. Zij wisten, dat hun dood onvermijdelijk zeker was. Eenigen gaven blijk van groote zwakheid; zij vielen op hunne knieën, erkenden zich schuldig en smeekten om genade. Dezen werden gespaard, doch zij, die tegen de onrechtvaardige behandeling, bun aangedaan, protesteerden, werden ter dood veroordeeld en omgebracht. Noch de voorspraak der bisschoppen, noch de voetval, de tranen en de gebeden

Sluiten