Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De koepel der St. Pieterskerk. De waterleiding.

men door eene godsdienstoefening in. Ken uur voor zonsondergang, den 10 " Seplember, stond de obelisk op zijn voetstuk, op den rug der vier bronzen leeuwen, die hem schenen te dragen.

Onbeschrijfelijk was het vreugdegejuich des volks. Ook de paus was zoo gelukkig door het welslagen van deze onderneming, dat hij gedenkpenningen liet slaan en aan alle vreemde mogendheden daarvan kennis gaf. Hij beroemde zich op die'medailles, dat hij het gedenkteeken aan keizer Augustus en Tiberius ontrukt en aan het allerheiligste kruis gewijd had. Ten einde dit metterdaad te bewijzen, liet Sixtus op den obelisk een kruis plaatsen en daarin een stuk van het vermeende ware kruis van Christus invoegen.

Eene andere onderneming tol verhooging van den luister der kerk was de voltooiing van den koepel der Sint Pieterskerk. De bouwmeesters verklaarden, dat zij daartoe tien jaren noodig zouden hebben; de paus daarentegen eischte dat zij in twee jaren gereed zouden zijn. Hij beval, dat <>00 arbeiders dag en nacht aan hel werk zouden blijven en ten gevolge hiervan was dari ook de koepel in de 22'' maand gereed. Toch beleefde Sixtus niet, dal het looden dak er op gelegd werd.

Nog meer beroemd dan deze werken is de groolsche waterleiding geworden , waardoor Sixtus V bij de Romeinen in gezegend aandenken gebleven is. Twee en twintig mijlen ver liet de paus, met alle hinderpalen spottend, het aqua marcia, deels onder den grond, deels op hooge bogen in reusachtige waterleidingen naar Rome voeren. Met groole voldoening zag hij eindelijk, hoe de waterstraal zich in zijne vigna uitstortte. Vervolgens voerde hij het water naar het Quirinaal, llij noemde dit werk naar zijn eigen naam Aqua Felice. Hel voedde niet minder dan -27 fonteinen.

Ook vele andere ondernemingen, die bestemd waren om in de dagelij ksche behoeften der Romeinen Ie voorzien, bracht Sixtus tot sland. Zes nieuwe stralen dankten aan hem haar ontslaan.

In godsdienstige en staalkundige aangelegenheden was Sixtus veel minder gestreng en onverdraagzaam dan zijn voorganger, de zachtmoedige Gregorius XIII. Hoewel ook hij de strengste opvatting van het katholicisme begunstigde, duldde hij (och geene willekeurige vervolging van de ongeloovigen. Zelfs de gehate Joden hadden onder zijne regeering rusl. Vroeger had hel gemeen hen naar hartelust mogen pijnigen en kwellen, doch Sixtus beteugelde dit kwaad met zijne gewone gestrengheid. Toen de bediende van een aanzienlijk lieer, die den hoed van een jood in het water geworpen had, daarvoor in het openhaar gegeeseld werd, hièltlên de vervolgingen van de Joden op.

Hoogst merkwaardig is de tegenstelling, welke de geheele godsdienstige en staalkundige werkzaamheid van den strengen, gewelddadigen Sixtus V met die van den zaclilmoedigen Gregorius XIII vormde. Terwijl Gregorius in alle maatregelen van algemeenen aard doortastend en vaak zelfs streng te werk ging. was hij in bijzondere gevallen van ongehoorzaamheid dikwijls zeer toegevend. Daardoor maakte hij de vorsten der naburige staten tot zijne vijanden en was hij nooit in staal dezen waarlijk ontzag in te boezemen. Sixtus V daarentegen waakte voor de naleving zijner wetten met zijne, dikwerf in wreedheid ontaardende gestrengheid. Nooit vergaf hij eene daad van ongehoorzaamheid ; in zulk een geval was hij onverbiddelijk. Rij grootere maatregelen van algemeenen aard was hij zachtmoedig, vergevensgezind en meermalen toegevend. Onder Gregorius had het niets gebaat, gehoorzaam te zijn en niets geschaad, zich tegen zijne bevelen te verzetten. Sixtus daarentegen strafte elk blijk van ongehoorzaamheid en bewees allen, die hem gehoorzaamden zijne hoogste gunst.

Jegens de naburige vorsten was hij vriendelijk en dienstvaardig. Hij verklaarde dat de eerste plicht van een paus was, de privilegiën der vorsten te eerbiedigen. Dezelfde gedragslijn volgde hij ten aanzien van de Europeesche

Sluiten