Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den God der Schepping, zooals £iddartha, de £akjamoeni, Hem als de laatste der Boeddha heeft gezien. Eindelijk vind ik wat ik zoek: een godsdienst zonder een van ons afgescheiden God, een godsdienst, waarin ieder goddelijk kan worden. De zichtbare wereld, zegt men mij, is een voortdurende gedaantewisseling: de dood volgt het leven, het leven volgt den dood. De mensch, en alles wat van zijn leven is, kringloopt in de eeuwigheid van wisselenden schijn. Alleen de ziel blijft; zij is het die zich in een onafgebroken reeks van verschillende levensgedaanten, opklimmende van de laagste naar de hoogste orde, vertoont. Aldus keeren allen en keert alles terug tot zijn oorsprong, Nirwana, dat niet is God, maar een toestand.

Wat is Nirwana? De Rigveda geeft het antwoord: „Toén was er Zijn noch Niet-Zijn. Geen Heelal, geen dampkring, noch iets daarboven, niets, nergens, ten beste van wien of wat ook, omvattende of omvat. Dood was niet, onsterfelijkheid was niet, noch de onderscheiding van dag en van nacht. Maar dat leefde zonder te ademen, alleen bestaande in zich-zelf en voor zich-zelf. Niets was daar meer. Alles was van duisterheid besluierd, gedompeld in de wateren. Maar dat uitte zich door krachtige innerlijke aanschouwing. Kama — de liefde — ontstond aldus in essence, oer-geest, en zij was het zaad, de scheppende kracht door de Wijzen, die haar door overdenking in eigen hart aanschouwden, van het Niet onderscheiden als het verbindende vermogen

Sluiten