Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

door Michel-Angelo te Rome gebouwde palazzo Buonavista, aan de Romeinsche familie vervalt, waarvan één, Francisco, onder den naam van Calixtus den derden Ghimaldi-paus wordt. Hij is het die, na Julius II, den bouw van Sint-Pieter voortzet, en, beschermheer van Rafaël, dezen de Villa-Ghimaldi doet bouwen. Met dezen Calixtus, den laatsten paus dien de Ghimaldi aan de Roomsche Kerk hebben geschonken, bereikt de familie haar hoogsten punt van roem en heeft de Kerk haar laatsten grooten paus. Van heerschers en veldheeren worden zij hovelingen, en brengen het in de hiërarchie der Kerk niet verder dan tot kardinaal, 't is waar, nog altijd, naar hun wapenspreuk, nader bij het hoogste dan eenig ander. Cesare Cantü noemt hen de „kleine Ghimaldi," in tegenstelling van de vroegere, die hij de „grooten" noemt. Met de Roomsche Kerk opgekomen, „pilaren," presbyters, pausen der Kerk, schijnt de Hervorming ook hun kracht ondermijnd te hebben. Toch behooren zij nog vier eeuwen lang tot den roem van den Romeinschen adel, tot het „derde Rome," het Rome der vrijmetselaars en der speculanten, dat paus Pius IX en paus Leo XIII in het Vaticaan gevangen ziet, aan een roemrijk geslacht van achttien eeuwen een eind maakt.

De prins, die deze laatste woorden bijna toonloos gezegd had, leunde zich achterover in zijn stoel, en nadat hij een sigaret had aangestoken sloot hij de oogen. De kleur, die onder het vertellen van de grootheid zijner familie, zijn gezicht had verlevendigd, trok weg.

Sluiten