Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

voor luchten; hij kon in den donker iets vinden. Alleen, soms, midden in een gesprek, was het of een onoverwinnelijke dommeling over hem nevelde, staarden plots zijn heldere

oogen glazig, viel hij in slaap Men liet

hem, had de beleefdheid het hem niet te toonen: vijf minuten daarna ontwaakte hij, sprak A verder, nieerde dat moment onbewustheid. De inwendige schok, waarmee hij ontwaakt was, was voor niemand te speuren.

Elly, altijd een oogenblik, ging 's morgens haar grootvader zien.

— Van middag gaan wij visites maken, bij de familie, zei Elly. Wij zijn nog nergens geweest.

— Zelfs nog niet bij grootmama.

— Wij gaan van middag het eerst naar haar. Opa, we zijn drie dagen geëngageerd. Dadelijk kan je toch niet iedereen met je geluk lastig vallen.

— En je bént gelukkig, kind begon

grootpapa met bonhomie.

— Ik geloof het wel....

— Het spijt me, dat ik je niet bij me kan houden, met Lot, ging hij luchtigjes voort: hij had soms een zweverige manier van ernstige dingen te behandelen, en zijn dunne stem

Sluiten