Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wankelen en lijden wist. De nederigen en de kleinen, begrepen zij dus beter het leven? Waarom kon ik me niet verliezen bij de meerderheid, die werkt en niets vraagt, die gerust is en gelooft?

»lk begon te vatten wat het geloof in de samenleving beteekent; het geloof alleen sprak tot het geheele wezen van den mensch, kon 't bewuste en 't onbewuste in hem omvatten; in de eenheid van zijn geheimenis konden de menschen elkaar herkennen en liefhebben:^Alleen rond een nieuw geloof zou een nieuwe gemeenschap groeien.

«Maar een geloof schept men niet, en ik zwelgde in stelsels. De kern der samenvatting die ik droomde zocht ik in begrippen, alsof een gemeenschap op begrippen leefde.'Ik bouwde in mijn verstand de eenheid aller dingen op, en zooals anderen God zeggen, zegde ik het Leven, den Rythmus, het Mysterie, wat weet ik al! Maar innerlijk voelde ik mij niet bevrijd,\en ik wreekte me weldra op mijn eigen schepping: de wijsgeerige beschouwingen bevredigden nog minder dan de godsdienst mijner kinderjaren. Ik brak weer mijn wereld... .v Hoe kon ik me verlossen van al wat uit vroegere tijden op mij drukte, indien ik me onderwierp aan een onvoorwaardelijk, buiten mijzelf staand wezen, ik mocht het noemen hoe ik wou? Als een jonge God moest ik in de natuur leven, zondeloos.^Was mijn verstand niet de schepper van dat wezen, en van al zijn hoedanigheden! Ik alleen was maatstaf van 't goede en 't kwade, en in den grond was niets goed of kwaad^/ Ik wilde voor geen afgetrokken denkbeelden meer

Sluiten