Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nu het rillend nachtegaaltjen Als een heimwee-triller waagt;

De in zijn pels gedoken dichter

Zuchtend: "hoeveel graden?" vraagt:

Gaat het oog, bij al dien jammer Des te lieflijker verrast,

In dees weelde van gebloemte Met vernieuwden gloed te gast.

Momp'len sombere profeten —

Raven krassen overal! —

Dat het allerschoonste op aarde Maar te ras verwelken zal:

Zalig, die op dorre bladen,

Uit zijn blijdsten tijd vergaard,

Eenmaal met een oog vol tranen En — gelukkig harte staart;

Zalig, als des levens Winter Alles schrompelt en verkoudt,

Die de sprankels zijner Lente Onder de asschen levend houdt!

Sluiten