Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Schor.

Interesseert hij zich voor onzen spoorweg? Marksteen.

Voor den spoorweg? — Ik geloof niet, dat er één is, die er zich zoo voor interesseert. Maar werkelijk — neen,

— 't gaat niet.

Schor.

En waarom niet, mijnheer Marksteen ?

Marksteen.

(Ter zijde) Lid van de Tweede Kamer? 't Komt me zoo wonderlijk voor. (Luid) Hoor eens, mijne heeren,

ik ik kan dat niet doen Waarom ? Ja

om — omdat 't niet kan. Neem een ander — daar zijn er beter te vinden dan ik.

Valburg.

De vergadering schijnt er anders over te denken, mijnheer; want ze heeft u, zooals mijnheer Schor de eer had u te zeggen, met algemeene stemmen benoemd.

Haspelstok.

Ja, met algemeene stemmen. Dat ging maar... Marksteen — Marksteen — Marksteen. — Geen mensch anders.

Marksteen.

Met algemeene stemmen, hm, hm! Ik moet bekennen

— het is vleiend. — Als het zoowel een ander gebeurde, en hij vroeg me om raad, ik geloof dat ik hem zeggen zou: waar de publieke opinie van een geheel district iemand roept, daar is het plicht — werkelijk plicht om het aan te nemen. Maar nu 't mijzelven geldt... (Ter zijde) Lid van de Tweede Kamer! En er is geen haar

op mijn hoofd, dat er ooit aan gedacht heeft... Maar't is

Sluiten