is toegevoegd aan uw favorieten.

Oud en nieuw

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een woord schijnt mij zoo gechargeerd, dat de teekenaarster zelve het later wel niet onder de beste stukken van haar kunstkabinet zal hebben geplaatst. Maar er is een ander, een vrouwenbeeld, waarvoor wij nog een oogenblik willen stil staan. Aan het portret van Donna Teresia is blijkbaar alle zorg en talent besteed; veel verbeelding en opmerkingsgave zijn er noodig geweest, om daarvan een zoo volmaakt genrestuk, een type van dweepzucht en hebzucht te maken. Het behoort zeker wel niet tot de meest uitvoerige, maar toch tot de meest afgewerkte, die wij van de hand van Mevr. Bosboom—Toussaint bezitten.

Wij zullen toch van de bladzijden (bl. 83—87) waarin Teresia voor het eerst optreedt, veel kunnen voorbijgaan. Dat het eene „Spaansche matrone" moet zijn, konden wij uit het voor haren naam geplaatste Donna wel raden; dat zij „niet zeer veel boven de vijftig, maar toch leelijk genoeg was, om voor zestig te kunnen doorgaan" zij in 't voorbijgaan vermeld. Haar onbevallige kleeding, hare huif van onnatuurlijken omvang laten ons onverschillig; alleen de eigenlijke karakterschets — en die in de hoofdtrekken slechts — vraagt onze aandacht.

„Dona Teresia was de verpersoonlijkte gierigheid. Gierigheid schitterde uit de kleine levendige, diepgezonken oogen: gierigheid uit iedere plooi van haar vroeg gerimpeld voorhoofd ; gierigheid mergde de sappen uit van haar ligchaani, en vaagde het waas der gezondheid weg van hare wangen

„De tweede sterk uitkomende zwakheid dezer goede vrouw was dweepzucht, de gloeiende dweepzucht der Spaansche van een bekrompen oordeel. Na gasten, haatte Donna Teresia niets zoozeer als ketters. En men was zeer ligt ketter in haar oog. Men was het, als men de Maagd Maria

vertoond heeft, en wel liet allerminst, wanneer hij — wat ik liefst niet wil onderstellen — zieh evenals die Pater, zou bevinden in een halven roes. Maar het tafereel dat oj> blz. 127 en volg. wordt geschetst, is ronduit gesproken, walgelijk.