Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

aft Zee-daden. Ook daar blijkt de hachelijkheid van den strijd ; maar aan welke partij wordt de eer der overwinning geschonken? Deze berichtgever besluit: Zoodat het haar [de Engelschen] wel heugen zal voor de Hollandsche kust en zeegaten geweest te hebben: en 't ware de grootste victorie voor de Neerlandsche Batavieren, die zij ooit op zee gehad hebben, zoo dezelve niet verminkt ware dooiden dood van den manhaftigen heerlijken Zee-Mars, den heer Ridder Luit.-Admiraal Maarten Harpertszoon Tromp, vader des vaderlands, wiens loffelijke gedachtenis nooit zal gaan uit onze memorie."

Minder pralend, maar naar 't mij schijnt, geheel overeenkomstig de waarheid schrijft de kundige De Jonoe:

„Er is veel getwist over den uitslag van dezen bloedigen zeeslag. De Britten schreven zich de overwinning toe en hieven luide juichtonen aan. Daarentegen beweerden de Nederlanders, dat het verlies aan de zijde der Engelschen grooter was dan aan de hunne; dat de vijand, die Hollands kusten vóór het gevecht bezet hield, thans van daar verdreven en het slagveld door de Nederlanders behouden was. De onpartijdige geschiedschrijver meent, dat de waarheid hier, gelijk zoo dikwerf, in het midden ligt.... Moeielijk zou kunnen bewezen worden, dat de Engelsche vloot bij dezen zeeslag, zooals van de Nederlandsche zijde beweerd werd, van Hollands kusten verdreven werd: doch dit staat vast, dat de zware schade, welke de meeste Britsche schepen in het gevecht hadden bekomen, de Engelsche zeemacht noodzaakte, de kusten dezer gewesten welke zij gedurende acht weken bezet gehouden en als het ware belegerd hadden, te verlaten : en dat het Gemeenebest aldus door dezen zeeslag het groote oogmerk van de uitrusting der vloot, het bevrijden der kusten, havens en zeegaten ten volle bereikte." (Gesch. van het Nederl. Zeewezen II* Dl. 1>' st. blz. 186).

De juistheid van dit oordeel blijkt ook uit de woorden van De Witt. Vijf dagen na het gevecht schreef onze

Sluiten