Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

èn de zwarigheden te ontgaan, welke zij van de aanneming van een „secreet artikel" hadden te vreezen. „En ten hoogsten geporteerd zijnde om het werk. dat nu zoo verre geavanceerd was, tot eene finale conclusie te brengen, recommandeerden zij den heer Beverningk, dat hij op 't spoedigste weder wilde vertrekken, om het aangevangen werk zonder interruptie te vervolgen" (Saken fol. 910). Beverningk vertrok dan weer op Vrijdag den 30" Januari, en bevond zich in 't midden der volgende week te Londen, waar het hem echter in 't begin niet meeloopen zou. zooals wij later zullen vernemen.

Hier te lande bleek bij deze gelegenheid opnieuw een der vele nadeelen van ons veelhoofdig bestuur. Wat de een in 't belang van den vrede noodig achtte, werd afgekeurd door een ander. Aitzema bericht ons, dat de andere provinciën het overhaastig vertrek van Beverningk kwalijk namen; die van Friesland vooral toonden zich ontevreden, " en protesteerden eerst zelfs over de nulliteit van deze vnyagie. Holland bracht daartegen in, dat genoemde heer wel op haar recommandatie maar toch eigenlijk uit kracht van de voorgaande commissie der Generaliteit was vertrokken, en dat daar toch waarlijk wel redenen voor waren. En dat laatste gelooven wij ook: had men den zin der stijfhoofdige Friesche heeren met hun Stadhouder gevolgd, dan was het nooit tot vrede gekomen.

II.

Beverningk bevond zich dan weder te Londen : maar wij hoorden al, dat hem daar eerst eene teleurstelling wachtte. Wij lezen daaromtrent in Saken van Staet en Oorlogh (III Dl. fol. 910): „Zich adresseerende aan den Secretaris Thurloe, meende hij, men zoude terstond zijn voortgevaren tot opmaking van de meegebrachte artikelen; maar men was aldaar ontsticht dat hij, alzoo gekomen was zonder nieuwe addressen, zonder pouvoirs, en zonder last tot

Sluiten