is toegevoegd aan uw favorieten.

Het huwelijksgoederenrecht in het Duitsche Burgerlijk Wetboek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op eigen naam — niet z'n vrouws geld roerend goed, een equipage b.v. Hij mag dat doen, juist omdat hij niet beheert in naam van de vrouw. Hij wordt dan van dat goed eigenaar en om de vrouw eigenaar te maken zou hij den eigendom nog aan haar moeten overdragen. De man nu zal doorgaans wél de bedoeling hebben, voor z'n vrouw te verkrijgen, maar het overdragen van den eigendom zal hij dikwijls vergeten. Hiervan kan de vrouw de dupe zijn. De crediteuren van den man zouden op het goed beslag kunnen leggen, en bij insolventie zou de vrouw gewoon, concurrent crediteur van den man zijn voor het bedrag dat hij uit haar vermogen genomen had. In S 1381 nu stelt de wet de echtgenooten vrij van die uitdrukkelijke eigendomsoverdracht op de vrouw: de wet veronderstelt dat de man kocht als lasthebber van de vrouw, met de bedoeling voor haar te verkrijgen. Was dit niet z'n bedoeling, dan rust de bewijslast daarvan op hem of zijn crediteuren.

121. Verder is deze surrogatie ') beperkt ten aanzien van het verkregen voorwerp. Wat de lichamelijke zaken betreft geldt ze alleen voor roerend goed; voor het onroerend goed zou ze te veel onzekerheid in het verkeer brengen: daar moet de wet er zooveel mogelijk voor zorgen, dat zij die als eigenaars in de registers staan opgeteekend, ook de eigenaars zijn. Bovendien mag men wel aannemen dat de man voor zich verkrijgen wilde, wanneer hij het verkregen onroerend goed op z'n eigen naam in de registers laat inschrijven. Wit de onlichamelijke zaken betreft, geldt de surrogatie voor schuldvorderingen aan toonder, of blanco-geëndosseerd orderpapier; niet dus voor schuldvorderingen op naam, waarvoor hetzelfde geldt, wat ik van onroerend goed zeide.

Ten slotte geldt de surrogatie voor alle rechten op roerende zaken, en voor die rechten voor w ier overdracht een overeenkomst voldoende is. Welke dat zijn, zeggen de §§ 398 v.jo 413 v.

122. Wil de surrogatie intreden, dan moeten de zaken

•föï^ks haar veranderd karakter blijit Ksi.emans haar toch zoo noemen (II bladz 7:3). Evenzoo Schröder blad/.. 23