Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

onder alle die van vrouwen geboren zijn, opgestaen is, die grooter is, dan Ioannes de dooper.

Hier wt isset claerlijck te mercken, ende te verstaen, dat wt den wonde rbaerlijcken handel Gods met Hieremia ende Ioanne niet volcht, noch daer wt met eenigher waerheyt ende bescheydenIone. 4. b. 11. heyt beweert •) mach worden, a dat die kinderen geloouen, so doch Deut. l.f. 39. die heylige schrift dat tegendeel wtdruckelijck betuycht (als boouen genoch beweert ende verclaert is) ende die experientie oock veel Fol. 26'. anders aentoont, want daer door spooren ende // beuinden wy dat Hebr. 11.*. inden kinderen noch geloof noch kracht des geloofs is, Dat geloof Ephes. 2.a. 7. dat een crachtich werck Gods, ende een gaue des heylighen Gheests is, dat mach in eenen mensche niet verborgen, noch vruchteloos Gal. 5. a. 6. liggen noch slapen, als sommige fantaseren, b maer het moet na zijnder aert door die liefde wtbreken ende wercken, in een goet betrouwen der vergeldinghe Gods, ende met ghewisse begrijpinge der hemelscher dinghen, waer sulcks niet en geschiet daer en is gheen geloof.

Item so de kinderen geloouen, waerom weten sy dan niet vander sonde, noch van der wet, noch vander ghenade, noch vanden Euangelio ? men moet hem doch dat eerste schoolrecht 2) der woorden Gods, ende alle articulen des Christelicken geloofs leeren als den genen die van Godt ende alle Godtlijcke saken niet weten. Ende hoe zijn si doch so onuerstandich ende ongeloouich geworden, so sy inder kintschap verstandich ende geloouich geweest zijn: Hebben sy dan alle kennisse Gods, zijns woorts ende haers geloofs so heel vergeten?

Hierom so isset niet dan menschen goetduncken, al wat die schriftgeleerden, ende werltwijse, met alle haer aenhangers van dat geloof der kinderen spreken, Maer wy houden ons aen de heylige Deut. 1. f. 39. schrift, c die den kinderen gheen verstant, vele min het geloof toe schijft '), met die experientie (die so opentlick ons toonen ende betuygen dat geene kennisse Gods ende zijns woorts, geen geloof Ioan. 7. d. 38. noch d vrucht des geloofs aen den kinderen gespoort4) noch geuonden wort5)) gewisser zijn dan alle menschelijcke goetduncken, dat toch voor God niet en geit.

Fol. 26'. Oock moeten wy aenmercken dat de // genade Gods ende de

1) Beweert, d.i. bevestigd, verzekerd (bewahrt).

2) Het schoolrecht" is datgene ws.' het °erst op het n'Ogrj.mraa var fc?' onderwy3 voorkomi (nl. het Onze Vader en de Tien Geboden).

3) Lees : schrijft. 4) Gespoort, d. t'. bespeurd.

5) De zin loopt niet goed af. Misschien moet achter „wort" gelezen worden

„ende" en moet het sluithaakje geplaatst worden achter het volgende „geit". In de uitgave van 1^78 is deze plaats niet verbeterd.

Sluiten