Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

regeling en ten slotte, door Uwe tusschenkomst, aangedrongen op een antwoord — binnen acht en veertig uren (later eenigszins gewijzigd) — op Uw nota van den i2den September, beantwoord door de nota van onze Regeering, van den 15de* September, en op ae nota van den 25**1 September 1899; waarop andere vriendschappelijke onderhandelingen werden afgebroken en onze Regeering de kennisgeving ontving., dat het voorstel voor een afdoende regeling binnenkort gedaan zou worden ; maar, ofschoon deze belofte nog eens herhaald werd, heeft tot nu toe geen zoodanig voorstel onze Regeering bereikt. Reeds, toen de vriendschappelijke briefwisseling nog werd voortgezet, werd een groote vermeerdering van troepei* c oor Harer Majesteits Regeering voorbereid, welke troepen in de nabijheid der grenzen van onze Republiek werden opgesteld. Achts aande op gebeurtenissen in de geschiedenis onzer Republiek, welke iet niet noodzakelijk is hier in herinnering te brengen, voelde onze egeering zich genoopt, die krijgsmacht in de nabijheid der grenzen te beschouwen als een bedreiging van de onafhankelijkheid der u "Afnkaansche Republiek, daar zij niet bewust was. welke omstandigheden de aanwezigheid van zulk een krijgsmacht in ZuidAfrika en ,n de nabijheid van haar grenzen konden wettigen.

In antwoord op een desbetreffende vraag, gericht aan Zijne Excellentie den Hoogen Commissaris gewerd onzer Regeerincr tot haar groote verbazing de bedekte aantiiennsr Hat van rl» n

... "juc ui 1 i\enu-

CCn aanvaI °P Harer -Majesteits Koloniën werd voorbereid,

J — i*uivuiv.u WC1U 1

en tftVWIQ ppn * _ , 1 •

, , s—toespeling op aanstaande mogelijk

heden waardoor zij versterkt werd in haar vermoeden, dat de onaf-

iidUKenjKneid van onze Republiek bedreigd werd.

Als maatregel van verdedipinp- was rii j 1 .

o o — —j gcxiuuuzaaKt een

gedeelte van de Burgers der Republiek naar de grenzen te zenuen om zoo noodig, tegenstand te bieden aan dergelijke mogelijkheden.

arer Majesteits onwettig ingrijpen in de binnenlandsche zaken van onze Republiek, in strijd met de Conventie van Londen van ,884 veroorzaakt door de buitengewone versterking van troepen in de nabijheid der grenzen der Republiek, heeft aldus een onduldbare,, oestand m t leven geroepen, waaraan onze Regeering zich — in bet belang niet alleen van onze Republiek, maar ook van geheel uid-Afnka — verplicht gevoelt zoo spoedig mogelijk een eind te maken, en zich geroepen en verplicht gevoelt, ernstig en met nadruk

Sluiten