is toegevoegd aan uw favorieten.

De hygiëne in het schoolleven

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

goten, zinkputten, stegen, bewaarplaatsen van steenkolen. Xeenit men die buis te klein, te laag bij den grond, dan kan stof en vuil erin komen. Om de lucht, die in de buis dringt, zooveel mogelijk te zuiveren, kan men de opening van de buis bedekken met vilt. Een minder kostbare manier is deze, dat de toevoeropening bedekt wordt met ijzergaas, waarvan de mazen, met het oog op het binnendringen van insecten, niet te groot mogen zijn. "W ordt het ijzergaas niet goed onderhouden en komen er scheuren in, dan komen de muizen naar binnen.

Ook heeft men nog te letten op den weg, dien de aanvoeibuis door het gebouw neemt. Gaat de aanvoerbuis bijv. door den kelder, dan mag er geen grondlucht in de buizen kunnen dringen, de buizen moeten dus goed sluiten en van goede qualiteit zijn. Verder moeten zij van binnen glad zijn en zoo min mogelijk bochten maken, ter wille van een gemakkelijke beweging der lucht.

Bij kleine gebouwen kan men de buitenlucht gewoonlijk langs een korten weg naar de kachel voeren en wel naar de ruimte tusschen de kachel en den mantel. De lucht die men toevoert moet buiten lucht zijn en niet ontleend worden aan de gangen die door het gebouw loopen. In het laatste geval zou de toevoerlucht niet frisch zijn en zou het kunnen voorkomen, dat, als er slechts matig gestookt wordt, dus als er slechts een klein of geen verschil bestaat tusschen de temperatuur van het vertrek en van de gang, er geen lucht in het vertrek, maar integendeel warme lucht uit het vertrek zou kunnen gezogen worden, hetgeen vooral het geval zal zijn als het een tochtige gang is.

Door sommigen wordt aangeraden twee aanvoeropeningen aan te brengen en wel aan tegenovergestelde muurvlakten. Oefent de wind een zuigende kracht uit op de