is toegevoegd aan uw favorieten.

Leerboek der gerechtelijke geneeskunde

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ontbreken duidelijke veranderingen, met zekerheid vijzende op intoxikatie, dan zal men altijd de diagnose op een spontaan ziekteproces stellen.

Het ULCUS SIMPLEX DUODENl komt geheel in eigenschappen overeen met dat van de maag; het zetelt boren de papilla duodeni en kan geheel overwachts, onder verdachte verschijnselen, tot den dood leiden (perforatieperitonitis). De meeste ulcera van dezen aard zijn beschreven bij personen, ilie een uitgebreide verbranding eenigen tijd overleefden.

De ziekten, welke aanleiding geven tot ulceratie in het onderste gedeelte van den dunnen darm alléén, zooals typhus abdominalis en secundaire entinostuberculose van den Darm, kan men bij eenige oplettendheid nooit houden voor de uiting van een eliminatoire ontsteking van een caustisch of irriteerend vergif. Deze laatstgenoemde bron van ulceratie roeren wij echter aan, omdat, al is dit hooge uitzondering, bij Hg-intoxikatie de secundaire enteritis beperkt kan zijn tot den dunnen darm (bl. 219). Bij haar komen de ulcera in principe echter voor op de toppen der slijmvliesplooien en gaan niet uit van de lymphfollikels en plaques.

Daardoor is verwisseling niet wel mogelijk, daar de typheuse en tuberculeuse ulcera niet alleen uitgaan van het Igmpholde apparaat van den darm en kenmerkende eigenschappen hebben (zie lessen over diagnostiek aan de lijktafel), doch bovendien gepaard gaan met andere afwijkingen in het lijk, met name met de overeenkomstige aandoening der mesenteriale lymphklieren en met een acute serocelMaire splenitis bij typhus resp. met die van phthisis pulmonum bij darmtuberculose.

Alles bij elkaar genomen is het dan ook ondenkbaar, dat men in een ge\al van typhus abdominalis en van darmtuberculose aan de mogelijkheid van intoxikatie denkt, al is het waar, dat de ambulante vorm van typhus plotseling onder verdachte verschijnselen kan dooden en daardoor aanleiding kan geven tot een gerechtelijk-geneeskundig onderzoek van het lijk.

B. DIKKE DARM.

Ulcera in den dikken darm ontstaan door druknekrose (koprostase), door

histohjse (amoeben), of op den bodem van een diphtherische ontsteking (bact

dysenteriae; eliminatie van vergiften). De aetiologie der beide eerste vormen

is gemakkelijk te herkennen door te letten op de kenmerken der zweren.

doch dit is bij ulcera, ontstaan door een diphtherische ontsteking niet het geval.

Ulceratieve processen in den dikken darm komen door allerlei, oorzaken voor. Zij mogen slechts dan voor een teeken van intoxikatie gehouden worden, ivanneer elders afwijkingen bestaan, welke intoxikatie met een caustisch of irriteerend vergif bewijzen. In alle andere gevallen kan slechts een nader onderzoek licht over de aetiologie verspreiden.