is toegevoegd aan uw favorieten.

De chemische artikelen van de vierde uitgave der Nederlandsche Pharmacopee (anorganische gedeelte)

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op het waterbad te verdampen en na droging bij 110'' C. het residu te wegen (zie bij Zoutzuur).

De reactie op zware meialen is bij dit zuur niet in overeenstemming met die bij de andere sterke zuren. Er wordt namelijk alleen met zwavel waterstofgas gereageerd in ammoniakale oplossing en zoodoende worden alleen de metalen van de ijzenrroep en van de kopergroen aangetoond, terwijl eventueel aanwezige metalen van de tingroep in oplossing blijven. Nu is er weinig kans op de aanwezigheid van tin en antimoon, doch ook arsenicum wordt op die wijze niet gevonden (zie straks). Er zou toch geen bezwaar zijn om de proef op zware metalen geheel analoog in te richten als bij zwavelzuur en zoutzuur, door namelijk eerst na vijfvoudige verdunning de vloeistof met ammonia te bedeelen tot zeer zwak zure reactie en dan met zwavelwaterstof te behandelen. Hierna zou de algeheele neutralisatie met ammonia nog kunnen volgen.

De reactie op zwavelzuur is zeer weinig gevoelig, doordien bariumsulfaat zich uit zoo sterk salpeterzure vloeistof slechts langzaam en onvolkomen afscheidt. De concentratie aan HNO., na verdunning 1 : 4 is ongeveer gelijk aan die eener 2 N oplossing en de Pharmacopee geeft hier geen tijd van waarneming aan, zoodat men het veiligst doet zeer lang (bijv. tot den volgenden dag) te laten staan.

Nu blijkt evenwel dat 2 N salpeterzuur per 5 cM3. met :5 druppels bariumnitraat bedeeld, zelfs bij aanwezigheid van 100 mG. HzSOj per Liter na lang staan geen bariumsulfaat afscheidt, zoodat de hoeveelheid HjSOj die op deze wijze nog in HNOa wordt toegestaan, nog minstens 1 : 1000 bedraagt.

De reactie kan gevoeliger gemaakt worden door het salpeterzum met ammonia af te stompen tot zeer zwak zure reactie. Dan wordt de proef bij een waarnemingstijd van 21 uur honderd maal en bij 1 minuut 2« maai gevoeliger, zoodat men dan na verdunning van l cM3 tot 5 cM3. althans nog 1 : 100.000 resp. 1 : 20.000 HaS04 in HNO., aantoont. En wenscht men eene geringere gevoeligheid dan kan men ook het salpeterzuur, als boven is aangegeven voor de reactie met HjS, vooraf vijf maal verdunnen.

De reactie op zoutzuur met zilvernitraat is minder gevoelig voor de gelijktijdige aanwezigheid van veel salpeterzuur en verschijnt in 2N opl. van HNOa nog duidelijk bij een gehalte van 10 mG. per Liter, zoodat dan nog 1 : 10.000 HC1 in HNOa wordt aangetoond.

De reactie op joedzuur is dezelfde als die in de Ed. III, alleen in meer gepreciseerden vorm gegeven. Het bekende bezwaar dezer proef is. dat bij aanwezigheid van zeer geringe hoeveelheden joodzuur het door de reductie ontstane jodium, door bijvoeging van iets meer zwavelwaterstofwater weer verdwijnt door reductie tot Hl. Daar dit door waterstof niet gebeurt of althans veel langzamer, is de toepassing