is toegevoegd aan uw favorieten.

De Fransche Revolutie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met vaste hand aan: ..onderwerping, of strijd en vernieling zonder genade, vierentwintig uren tijds tot beraad;" aldus luidde ongeveer zijne proclamatie, waarvan hij gisteren dertig exemplaren naar Nancy zond, — die echter, als wij vermeld vinden, alle onderschept en niet aangeplakt werden. (1)

Niettemin verschijnt er den volgenden morgen om half twaalf, als bij wijze van antwoord, te Frouard een deputatie van de muitzieke regimenten en van het stadsbestuur van Nancy, om te zien wat er gedaan kan worden. Bouillé ontvangt de -deputatie ..op een ruime, opene plaats naast zijne woning." Het. bevredigde Salm en de overigen, die allen gelukkig nog in de rechte stemming zijn, zijn op uitnoodiging erbij tegenwoordig. De muiters spreken op een beslisten toon, dien Bouillé, en gelukkig ook Sahn, als eene onbeschaamdheid beschouwen. Salm, dat de trappen en sabel van Metz vergeten heeft, wil dat de schurken oogenblikkelijk ..opgehangen' zullen worden. Bouillé wil van ophangen niets weten, maar zegt, dat aan muitzieke soldaten slechts één en niet meer dan één weg openstaat: met hartelijk berouw de heeren Dexoue en de Malseigne weer in vrijheid te stellen, zich van stonde aan bereid te houden om te marcheeren werwaarts hij zal bevelen, en zich voor 't overige ..te onderwerpen en berouw te toonen," gelijk de nationale vergadering bevolen en hij gisteren in dertig gedrukte plakkaten afgekondigd heeft. Dat zijn .zijne voorwaarden, (2) waaraan zoo min te veranderen valt als aan de besluiten des noodlots. En daar zij, de afgevaardigden der muiters, deze bepalingen niet schijnen te willen aannemen, zoo ware het beste, dat zij zich zoo spoedig mogelijk uit de voeten maakten, want ook bij hem zou binnen weinig oogenblikken de leus voorwaarts! zijn ! De afgevaardigden van de muiters vertrekken zoo snel mogelijk; de afgevaardigden van het stadsbestuur daarentegen, die voor hun eigen persoon bovenmate bezorgd zijn, verkiezen liever bij Bouillé te blijven.

Hoewel de wakkere Bouillé de zaak met vaste hand aangrijpt, kent hij toch het gevaarlijke van zijn toestand zeer wel: hij weet hoe te Nancy, dat vol is van muitzieke soldaten, onzekere nationale gardes en zoo vele uitgedeelde geweren, bijna tienduizend strijdbare mannen woelen en razen, terwijl hij nauwelijks een derde van dat getal onder zijn bevelen heeft, die uit onzekere nationale gardes en louter bevredigde regimenten bestaan, voor 't oogenblik wel vol woede en geroep om te marcheeren, maar wier woede en verlangen in 't eerstvolgende oogenblik een geheel ander aanzien zou kunnen krijgen. Zoo staat hij boven op een onzekere golf om daarmede andere golven te bedwingen! Bouillé moet zich aan de fortuin overgeven, die immers bij wijlen den dappere begunstigt. Nadat om half één de afgevaardigden der muiters vertrokken zijn, roffelen de trommen om naar Nancy te marcheeren. Laat Nancy zich dus wel bedenken, want Bouillé heeft zich bedacht en zijn besluit genomen.

En toch, hoe zal Nancy denken? het is geene stad, maar een waar dolhuis! Het verwoede Chateau-Vieux wil zich ter dood toe weren; het noodzaakt het stadsbestuur, ■om alle burgers, die kennis van de artillerie hebben, bij trommelslag te bevelen, bij de bediening van het geschut hulp te verleenen. Het opbruisende regiment du Roi daarentegen trekt, toen het verneemt in welk eene stemming Salm is, geheel troosteloos in zijne kazernen en roept klagende uit duizend kelen: r,La loi, la loi! de wet, de wet! Mestrc-de-Camp tiert en vloekt afschuwelijk, in gedurige afwisseling tusschen vrees en woede; de nationale gardes zien dan hier dan daarheen, zonder te weten wat te doen. Welk eene dolhuis-stad! zooveel hoofden, zooveel zinnen; ieder beveelt, niemand gehoorzaamt; rustig is niemand — dan de dooden, die onder den grond rusten en hun strijd gestreden hebben.

(1) Vergelijk Bouillé, Mémoires, I, 153—176; Deux Amis, V, 251 271; Hist. pariera. als boven.

(2) Volgens Dulaure, I. pag. 388, waren do voorwaarden, dat 1° de heeren de Malseigne en Denoue in vrijheid zouden worden gesteld en dat 2" van elk regiment vier der m^est muitzieke manschappen naar Parijs zouden gezonden worden om door do Nationale Vergadering gevonnist te worden.

II. 13