is toegevoegd aan uw favorieten.

De architectuur in hare hoofdtijdperken

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

I)E RENAISSANCE IX ITALIË.

der Yitruviaansche richting voorgeschreven. Die van de Dorische orde is als 1:3, van de Ionische als 1:2, verhoudingen die den Grieksch archaïschen tijd herinneren. Toch draagt deze ordonnantie geen overmatig zwaar karakter, omdat de geledingen van fijne schaal zijn gebleven, de overwegende hoogte aan het fries ten goede komt en plaats geeft aan „de schoonste vulling die ooit een profaan bouwwerk heeft getooid . Dartele geniën staande in de as der zuil, torsen zware bloem- en vruchtslingers, die met wapperende linten aan de sierlijk omlijste, kleine ramen zijn gehecht, en waartusschen decoratieve mensch- en dierkoppen zijn geplaatst, Met de rijk geprofileerde consolelijst vormt dit fries een inderdaad feestelijke bekroning. In verband hiermede zijn ook de sluitsteenen der arkaden, de zwikvullingen, de kapiteelen, met figuur en ornement vol gloed en leven bewerkt. Ondanks dezen overstelpenden rijkdom is de rust, de voornaamheid volkomen bewaard, doordien alle decoratieve onderdeelen ondergeschikt zijn aan de hoofdelementen, de zuilen. iet ten onrechte is deze gevel „liet schoonste profane bouwwerk van Europa" genoemd 1).

Sansovino's meesterwerk beheerscht meer dan een eeuw de architectuur van Venetië. Xoch het paleis der nieuwe Procuratiën (1582) door zijn leerling V. Scamozzi, noch de paleizen Pesaro en Rezzonico in de 17e eeuw door Longhena gebouwd, kunnen in zuiverheid van stijl er mede wedijveren. Hoewel niet zonder verdienste missen zij de harmonie der verhoudingen, liet juiste evenwicht tusschen architectuur en sculptuur, het zuivere detail van Sansovino's werk.

3. DE ROMEIXSCHE SCHOOL.

Eerst met de 16e eeuw, onder den machtigen en kunstlievenden paus Julius 11 (1503—'14), begon Home s grootsche tijdperk der Renaissance. Een eigenlijken vroegtijd heeft zij hier niet gekend. Behalve liet Palazzo di \ enezia (1464—'71), een lange, onbelangrijke gevel, uit Gothische en klassieke elementen saamgesteld, bezit Rome slechts onsamenhangende fragmenten uit de 15e eeuw.

De Romeinsche paleizen der 16e eeuw, meestal door rijke kardinalen en voorname prelaten gebouwd J), kenmerken zich door grootschen aanleg. Vooral de binnenplaats wordt liet architectonisch zwaartepunt. I reffend is de ruimtewerking van haar statige booghallen met de aansluitende vestibules, een en ander met beeldgroepen rijk opgeluisterd. Zelfs kleine paleizen,

') J. Bübckhardt.

2) De reden hiervan is deels te zoeken in de bepaling, dat roerende goederen bij hun dood aan de Curie vervielen. Vandaar ook de vele kostbare praalgraven bij hun leven reeds aangevangen.