is toegevoegd aan je favorieten.

Beknopt leerboek der geschiedenis van het vaderland

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verzoening tot stand te brengen; Anjou keerde naar Frankrijk terug, waar hij in 1584 stierf.

Achteruitgang der zaken. Voor den tweeden keer had Oranje ondervonden, dat op Frankrijk niet te rekenen viel. De opstand verloor inmiddels voortdurend terrein: Brussel, Gent, Brugge, Breda en 's Hertogenbosch gingen verloren, Antwerpen werd door de Spanjaarden ingesloten. In 't Noorden trad de opvolger van Rennenberg, Verdugo, steeds stoutmoediger op; met moeite werd Friesland door Willem Lodewijk, een zoon van Jan den Oude, tegen hem verdedigd. Overijsel en de Achterhoek gingen verloren; het verlies van Zutfen stelde de Veluwe open voor de plundertochten der Spanjaarden. Zelfs in de omgeving van den Prins begonnen enkelen te wankelen en over onderwerping te spreken.

Aanslagen. Het waren moeilijke tyden voor Oranje; al zijn geestkracht had hij noodig om den tegenstand gaande te houden en juist in deze dagen begon de banvloek zijn uitwerking te doen gevoelen. Herhaalde aanslagen werden op zijn leven gedaan; een der meest bekende, die van Jean Jaureguy, trof bijna doel en bracht den Prins langen tijd in levensgevaar. Alleen aan de voortreffelijke zorg zijner vrouw, Charlotte de Bourbon, die kort na zijn herstel aan de gevolgen van overspanning overleed, had hij zijn behoud te danken.

Opdracht der souvereiniteit aan Oranje. Na het vertrek van Anjou moest natuurlijk de regeering opnieuw geregeld worden. In Holland en Zeeland had men reeds vroeger den Prins de „hooge overheid" voor den duur van den oorlog opgedragen; nu wilde men hem als graaf erkennen. Door verzet van enkele steden wegens punten van ondergeschikt belang bleef de zaak slepen, maar in het midden van 1584 was men het eindelijk over de voorwaarden, waarop de verheffing zou geschieden, eens geworden; nog enkele steden moesten het stuk, waarin de rechten van den graaf en van de Staten nauwkeurig omschreven werden, onderteekenen, toen alle plannen veredeld werden door den aanslag van Balthasar Gérard.

De dood van den Prins, Gérard, uit Franche Comté afkomstig, had reeds lang het plan gekoesterd, den Prins, dien hij als rebel tegen koning en kerk verafschuwde, uit den weg te ruimen. Hij beschouwde dit als een plicht, hem door de Voor-