is toegevoegd aan uw favorieten.

De gezonde geloovige, zijnde een verhandeling der evangelische bekeering, ontdekkende het werk van Christus' geest in de verzoening eens zondaars met God

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE HEERE VERHOORT DE GEBEDEN.

onmetelijke kracht des gebe«Js, omdat het steunt op hetgeen oneindig en eeuwig waardig is.

4. Omdat de gebeden der oprechten voortkomen uit den Geest des gebeds. Rom .8 : 26, wijl uit hetgeen voor het vleesch is, uit het vleesch is, zoo ook hetgeen naar den Geest, of naar den wil van Christus, tot geestelijke einden, altijd van den Geest is.

5. Wegens de heerlijkheid van Christus, opdat de Vader in den Zoon verheerlijkt worde. Zou Christus niet verheerlijkt kunnen worden, tenzij Hij al de gebeden verhoort? Ja Hij kon dat wel, maar het is nochtans zijnen wil, zijn heerlijkheid door dit middel te openbaren; zoodat ofschoon gij en uw gebeden Hem niet behagen en gij geen antwoord noch aanneming daarom verdient, gedenk nochtans dat Hem zijn heerlijkheid veel waard is. Het is eens konings heerlijkheid, dat hij sommige verzoeken gehoor geeft, maar hij kan ze niet allen hooren noch beantwoorden; het is Christus'heerlijkheid, dat Hij ze allen hoort, omdat Hij daartoe machtig is, zonder dat Hem dit in het minst tot oneer strekt.

Geloof dit toch, en het zal uw blijdschap volkomen maken. Och, wat zoudt gij een lust hebben veel met Hem te wezen! Hoe zoudt gij anderen aanmoedigen om tot Hem te komen! Hoe zoudt gij u gedrongen gevoelen, om iets voor Hem te doen, die gewillig is om alles voor u te doen! Maar ach! wee ons ongeloof! Want hetgeen de apostel zeide, 1 Joh. 5 : 14, dat de grond van zijn vertrouwen was, namelijk, dat zoo wij bidden naar zijnen wil, Hij ons verhoort, is onze grond niet; ja ik zeg, en wij mogen het wel beweenen als wij er aan denken, wij wantrouwen er door, en zeggen, wat ik ook begeer naar Christus'wil, Hij hoort mij nipt. Maar ach! verlaat zulk een wantrouwigen aard en wacht u voor zulk een doodhartigheid in dezen plicht, opdat de Heere geen aandrijvers zende en de tichelsteenen verdubbele, zoodat gij op die wijze zoudt leeren bidden met sterke roepingen en tranen waarnaar .gij niet bidden noch gelooven wilt. Zoo de Heere u een hart er toe wilde geven, gewis gij zoudt niet alleen uzelven en uw huisgezin kunnen besturen, maar door de kracht des gebeds zoudt gij gansche koninkrijken doen rijzen en dalen en de gewichtigste zaken voor de kerk, ja voor de wereld uitvoeren; ook zoudt gij wonderen hierdoor kunnen uitwerken, door