Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kijken zij dan naar haar, want allen hadden bijna vergeten dat zij ziek was. Kijk, als ik aan haar denk, voel ik mij als een schooljongen, die een vroolijke bui heeft. Het lieve, dappere vrouwtje!"

„Is zij al maanden ziek, Fantasio?"

„Jaren, mijn prinsje."

„Maar heeft zij werkelijk pijn?"

„Heel en heel erg, mijn kleine Peter. Als ik aan haar denk, dan is het of ik niet vroolijk genoeg kan zijn. Dan zie ik ook verschillende andere menschen, die ik gekend heb.

„Zoo was er in het dorp, waar ik geboren ben de heer, die op het kasteel woonde. Grimmig zag hij er uit met zijn dikke wenkbrauwen. Men zei dat hij veel verdriet had gehad en heel lang leefde hij eenzaam. Maar eens op een Kerstfeest werden al de dorpskinderen gevraagd om in de groote zaal te komen en daar stond een prachtige Kerstboom en voor ieder kind lag er een stapeltje speelgoed. En met grimmig gezicht stond de heer van het kasteel er bij, en deelde van alles uit. Toen keek hij ons aan van onder zijn borstelige wenkbrauwen en zei, dat we heen konden

Sluiten