Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verdriet er van, dat Nanni er niet bij is."

„Er niet bij is!" herhaalde een der dames. „Kom, baker, nu ben je in de war; ze is vanmorgen al om halfzeven weggegaan."

„Mocht ze dan toch mee? Wel dat doet me pleizier!" hernam vrouw Berens vergenoegd. „Dan begrijp ik ook, waarom ze vandaag niet bij mij kwam, zooals zij gisteren beloofd had!"

De tantes keken ernstig, want zij begrepen dat er iets niet in den haak was, hoewel zij niet wisten wat er aan haperde.

„Luister eens, baker," zeide de oudste juffrouw nu: „wij weten er niets van, dat Nanni niet mee zou gaan; vertel ons eens wat er gebeurd is."

„Och, als de zaak toch in orde is gekomen, moesten wij er maar niet meer over spreken," zeide vrouw Berens goedhartig.

„Wij zullen er niet over spreken, baker; maar wees zoo goed en vertel het ons."

„Nu, dan is het wat anders," begon vrouw Berens. „Gisteren kwam Nanni schreiend bij mij en vertelde mij, dat zij niet mee mocht, omdat zij brutaal tegen meester Struis was geweest; maar zeker heeft mijnheer Ebels medelijden met haar gehad, en is zij toch meegegaan. Toen zei

KLIMOP. 4

Sluiten