Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

stijf gevlochten vlechtjes, aan welker omgebogen punten een elegant sigarenlintje een schitterend effect maakte ; op de van koude blauwe handjes, die zelfs in den droom geen handschoenen gezien hadden. Doch het weinig indrukwekkende résumé zijner beschouwingen werd aan het wankelen gebracht door het zelfbewuste optreden der ondeugden, die zich zoo ongegeneerd gedroegen, als hij slechts aangetroffen had bij de meest arrogante, geblaseerde aristocraten. Hij waagde het dus niet een gezicht „tweede klasse" te zetten, maar kon zich toch niet onthouden een der bengels, die trachtte op te klauteren langs de bronzen trapleuning, in den kraag te pakken en op den grond neer te zetten met het bepaalde verbod: „Hier doen ze niet aan klimmen, mannetje."

De kleinen na¬

men dit op als een alleraardigste grap en bestormden den nieuwen vriend met bewijzen van hun teederheid.

Renaatje hing zich als een slinger aan de lange rokspanden van den bijna wanhopigen bediende, Liesje en Guttheld bewonderden de

ft r-wnrt + 1

11 Ll w v, v, i11 pamu-

Ion, het roode vest en de glimmende knoopen.

„Hij is net zoo aangekleed als het kleine aapje op den hond in het apenspel! Heb je ook een hoed met pluimen?" vroeg een vierde vleiend en herinnerde zich de kermis van het vorige jaar. Weer een ander porde hem ongeduldig in de zijde en vroeg met een doordringende stem: „Zeg eens, ben je ook een graaf?" Nu was het gedaan met Hendriks

Sluiten