Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

was gekomen, de kolen waren overgenomen en allen aan boord der Siboga gereed om weder met nieuwen moed aan den arbeid te gaan. Die opgewekte stemming kwam best te stade, want de eerste korring bij het verlaten der baai gaf niet veel en bij de tweede scheurde het net; gelukkig dat ten minste het verticaal net nog belangrijke visschen bevatte. Het plan om koraal-eilanden te bezoeken, die voor Soemalata liggen en die, hoewel zij steil uit groote diepte oprijzen, toch maar even boven het watervlak uitsteken, moesten wij wegens zware deining opgeven.

W ij bleven dien nacht op zee kruisen en naderden den volgenden middag Menado. Het kostte commandant TYDEMAN heel wat hoofdbrekens voor wij op de terecht beruchte reede van Menado vastgemeerd lagen; onze zware trossen moesten met de ankers in de vlet naar wal uitgebracht worden en eerst toen deze laatsten goed hielden, waren wij zeker, dat de Siboga veilig lag. Er waren juist nog eenige andere schepen op de reede, daaronder ook twee oorlogsschepen, waarvan het voor de bemanning een genot was om onze bewegingen gade te slaan.

Nu wij echter bij ondervinding wisten hoe moeilijk het voor een schip is om te Menado te ankeren, lazen wij met dubbele belangstelling de wederwaardigheden der ,Marchesa', een Engelsch jacht, dat een wetenschappelijke reis in deze gewesten deed, die door Dr. Guillemard beschreven is. De Marchesa, door verkeerde inlichtingen van een IndoEuropeaan, welke zich voor den havenmeester uitgaf, in de war gebracht, liep op het strand en slechts met de grootste moeite en door het uitbrengen al harer ankers, kwam het schip vrij, dat vijf uur vastgezeten had. Men kan zich de spanning en de werkzaamheid der opvarenden gedurende die uren voorstellen en de woorden „wc feit that we had earned a rest', waarmede Dr. GUILLEMARD het verhaal dezer gelukkig gemankeerde schipbreuk eindigt, waren zeker niet overdreven.

Sluiten