Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

weg op en ging voorbij de herberg van Fuik, toen hij den kastelein tegen den knecht hoorde zeggen:

„'t Rijtuig van dokter Broekman voor!"

„Dokter Broekman!" zeide Hans bij zich zelf. „Dat is de knapste dokter uit geheel Holland. Is dat niet een beschikking van God, dat je dien hier moet aantreffen? Nu koopje

geen schaatsen, Hans, maar besteed je geld om je vader te helpen."

„Is dat het rijtuig van dokter Broekman van Amsterdam? vroeg hij aan den knecht, die juist uit den stal terugkwam.

„Voor wien anders?" vroeg de man. „Als er ijs is, komt hij altijd met zijn eigen rijtuig het IJ over en dan rijden wij hem verder Noord-Holland in."

„Ik dank je," zeide de knaap, en terstond begaf hij zich naar de herberg.

„Mag ik dokter Broekman wel eens spreken?" vroeg hij aan den kastelein.

Sluiten