Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volgde met zoo ontzettend geweld, dat het oude huis door al zijn gebinten heen schudde en kraakte. Wat toen gebeurde zagen zij niet, vader en dochter, die van voor het raam als weggeslingerd werden — zij dachten een oogenblik, dat het geheele oude, solide koopmanshuis met den grond gelijk werd gemaakt — een vreeselijk gekraak, een akelig rumoer van door elkander geworpen steenen en balken, dan een oogeblikkelijke stilte, als sidderde de woedende storm voor zijn eigen werk terug en als waagde hij het niet de dikke, gele stofwolk aantetasten, die zich ondoordringbaar dicht op de plaats vertoonde

„Het pakhuis 1" Ja, van dien kant vloog de stofwolk op het huis aan.

Met een woesten kreet vloog de handelsraad, Grete voorbij, de trap af. Het meisje ijlde hem achterna, maar eerst op de plaats slaagde zij er in hem bij den arm te grijpen en, radeloos van schrik, hem toe te roepen, dat zij mee wilde.

„Gij gaat niet mee !" schreeuwde hij en schudde haar van zich af. „Wilt gij ook verpletterd worden ?"

Nooit had zij zulk een verschrikkelijke stem gehoord en toen zij haar vader aanzag, was het werkelijk of hem de haren te berge rezen.

Hij vloog voort en zij hield zich aan een lindeboom vast, om op de been te blijven, want weer gierde een ontzettende windvlaag over de plaats. Een wervelwind dwarrelde in de kleine ruimre rond, greep de stofwolk aan en dreef die tegen het hoofdgebouw, om haar een oogenblik hoog op te heffen en in de lucht te verstrooien.

Nu kon men eerst zien wat er gebeurd was, Wel stond het pakhuis nog, maa* het was veranderd in een ruïne. Een gedeelte van het oude zware dak was door den wind weggerukt en had in zijn val de pijlers en de balkons meegenomen. Tot boven de vensters van de benedenverdieping lagen leien, pannen en steenen opeengehoopt en nog altijd door vielen er stukken hout en steen naar beneden.

Het was een gevaarlijk pad over dien puinhoop, waar nog telkens die zware stukken op nederkwamen. Vol angst zag Grete, dat haar vader er zich overheen werkte, nu eens een balk op zij wringend, dan tot over de knieën wegzinkend in het puin, totdat hij eindelijk achter den akeligen bouwval in den gang van het pakhuis verdween.

In het huis zelf had men dat alles mee geizen en het duurde niet lang, of allen stormden naar buiten op de plaats, tante Sofie,

Sluiten