Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze zouden even hard als ik voor de kroon met de zeven takken

bedanken I" .

Zij stond stil, ging vlak voor hem staan en lei hem de beide handen op de schouders. „Nietwaar, papa," vroeg zij met een diepen weemoed in haar stem, „gij wilt mij niet plagen, zooals de anderen doen? Gij laat uw sneeuwvlok dwarrelen, zooals zij zelf wil. Ik ben immers oud genoeg, om mijn eigen weg te kiezen."

Hij streek de hand over het lieve hoofd, dat tegen zijn borst leunde. „Neen, Grete, ik zal u nooit dwingen, antwoordde hij met een teederheid, die haar diep ontroerde, „jaren geleden zou ik al mijn macht en gezag hebben gebruikt, om u te laten besluit, zooals ik. wilde, maar thans wil ik u niet meer verliezen — want verloren waart gij voor mij, als de verhouding in die familie is, zooals gij die voorstelt, dubbel verloren, zooals de zaken thans staan.,.. Die storm buiten schudt aan mijn ziel, als de stem van een dweepziek prediker en ik ben moe en mat. Ik heb mijne kleine kameraad, met de heldere oogen en het onwrikbaar gevoel voor wat recht is, ik heb die noodig, en — wel heel

spoedig, Grete —.

„Afgedaan!" riep zij en schudde hem daarbij trouwhartig de hand als een echt kameraad, „Nu ben ik gerust, papa. Vooral tegenwoordig, nu zoo menigeen uit onzen stand ootmoedig en nederig buigt, om tot eigen schade in stand te houden wat eigenlijk vermolmd is en vergaan, nu is een levensteeken van welgemeenden burgertrots een weldaad, al wordt het dan ook maar door een meisje gegeven. En nu ga ik gauw een glas water halen, uw gezicht begint hoe langer hoe meer te gloeien."

Hij hield haar tegen en zei, dat hij in zijn kamer een middel had tegen die aanvallen van duizeligheid, waar hij weer veel last van had. Met brandende lippen kuste hij haar op het voorhoofd en ging toen heen.

„Dat komt en gaat als een dief in den nacht, Grete, maak u er maar niet ongerust over," zei tante Sofie, die juist binnenkwam, om de tafel voor den avondmaaltijd klaar te maken, zij nam de flesch op en bezag die tegen het licht.

„Bijna heelemaal leeg!" bromde zij. „Geen wonder waarlijk, dat het hoofd is gaan gloeien; de dokter waarschuwt gedurig tegen dien krachtigen wijn, maar als er een schrik of teleurstelling moet worden weggespoeld, dan moet altijd deze wijn het doen. Heeren gebruiken zelden hun verstand."

De Vrouw met de Karbonkelsteenen.

9

Sluiten