Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vertellen," fluisterde Bob, die nauwelijks de waarheid kon beseffen, van hetgeen hij zooeven vernomen had. „Als je het doet, zou je morgenochtend vroeg naar hem toe moeten gaan. Hij heeft gezegd, dat hij den jongen, die het gedaan heeft, nog tot dien tijd uitstel zou geven."

Edgar knikte en stond met gefronste wenkbrauwen en bezwaard hart op een stompje potlood te bijten. Het pad van eer lag klaar en duidelijk voor hem, maar toch rees de vraag bij hem op: was er geen andere uitweg — geen middel waardoor hij Bassett kon sparen en het toch voor zich zelf wat minder moeilijk maakte? Welke verontschuldiging kon hij aanvoeren voor het feit, dat hij niet dadelijk had gesproken, toen de directeur op die morgen-bijeenkomst aan de heele school de vraag had gesteld? Hij scheen ten einde raad en tot overmaat van smart begon Con, die juist boven was gekomen toen zij de deur niet open kon krijgen, er met haar vuist op te trommelen, zoodat hij zijn gedachten nog minder bij de zaak kon bepalen.

„Ja; wij zullen je dadelijk binnen laten," schreeuwde Edgar. „Ik ga naar mijnheer Mender," voegde hij er zachtjes bij. „Zeg niet, waar ik ben. Ik kom over een kwartier terug."

Het was gemakkelijk genoeg om het huis uit te gaan, zonder dat Con het merkte. Toen Edgar op Foxbank aankwam, hoorde hij, dat mijnheer Mender in den tuin was en werkelijk vond hij den gouverneur in het tuinhuis achter op het tennisveld, waar hij onder het rooken van een pijp een roman zat te lezen. Met enkele in één adem uitgesproken woorden, legde de jongen nauwkeurig uit, in welk netelig geval hij zich op het oogenblik bevond.

„Je bent een jeugdige dwaas," zeide de gouverneur boos;

Sluiten