Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

In twee hoofdgroepen zijn deze samen te vatten: de Oostersche en de Westersche Mis-liturgie. De eerste — om eene algemeene lijn te trekken — is meer uitvoerig, minder afwisselend, tegelijk meer symboliek in woord en beeld; de tweede drukt in een korteren stijlvorm zich met meer verheven zegkracht uit; zij is wellicht nog grootscher in hare ingehouden soberheid en zwakkere symbolische uitbeelding.

Zij, de Westersche, wordt onderverdeeld voornamelijk in de: Mozarabische ('), oud-Gallische, Ambrosiaansche en Romeinsche (2) liturgie. Deze laatste, de oudste, werd immer de meest eerbiedwaardige geacht en wordt thans bijna uitsluitend (8) in de geheele Roomsche Kerk gevolgd.

Wij herhalen hier in het kort: Het wezen en de hoofddeeleit van ons h. Misoffer zijn door den goddelijken Zaligmaker zeiven voor ons geluk ingesteld; de hoofdvormen, waarin zij belichaamd zijn, wijzen naar een overoude, apostolische offer-wijze heen. Zoo brengt Paus Innocentius die van den Romeinschen — thans algemeen gevolgden — eeredienst reeds tot den apostelvorst S. Petrus terug.

En goed is het aan ons gemoed, wanneer wij b. v. lezen, hoe de H. Justinus, de veel bereisde bekeerling en

(!) Ook gotiseh-spaansche, isidorische, toledaansche genaamd, de liturgie in Spanje in de 8e eeuw door de Mozarabiërs gevolgd.

(») De oudste monumenten der romeinsche liturgie zijn de drie sacramentaria (misboeken) der Pausen Leo I (440—461), Gelasius I (492—496) en Gregorius I (590—604); ons romeinsch missaal ontstond hoofdzakelijk uit het laatste sacramentarium. Toen deze „Gregoriaansche ritus" gevaar liep door onberaden godsdienstijver en persoonlijke toevoegselen van haar oorspronkelijken eenvoud te ontaarden, brachten de Pausen Pius V, Clemens VIII en L'rbanus VIII dien voor goed tot zijn vroegeren vorm terug.

(s) In Milaan bleef de Ambrosiaansche ritus, in Toledo (Corpus-Christikapel) de mozarabische behouden.

Sluiten