Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vragen; dit echter hebben de verschillende liturgische kleuren der kazuifel meer nauwkeurig uit te drukken. d. Maar „de liefde" maakt ook beide, „kruis en juk", zoo „licht en zoet" te dragen, wijl de onverwelkbare hoop op Gods loonende goedertierenheid haar steunt. Met die bedoeling bidt dan ook de priester het ritueele kazuifel-gebed: „Heer, die gezegd hebt: mijn juk is zoet en mijn last is licht, doe mij dit op zulk een wijze torsen dat ik uwe genade moge verwerven."

In het onmiddellijkst verband met het glorieuze Lichaam en Bloed des Heeren staan de kelk en de pateen. Uiteraard zijn die gewijde vaten (vasa sacra, mystica) het middenpunt geworden eener even waardige als liefdevolle zinnebeelding, voortvloeiend uit dezelfde, liturgische bronnen, welke wij bij de parament-symbolen hebben meegedeeld.

Kelk en pateen zijn het hoofd-geraad; tot hunne toerusting (*) behooren het corporale en de palla.

DE KELK,

waarin des Heilands goddelijk Bloed wordt bereid,

a. deed vergelijkend denken aan het heilig Hart des Heeren, het goddelijk centrum van voorheen en thans en immer van het heilig Bloed des Zaligmakers;

b. hij herinnerde ook, in mystieke toepassing, aan de maagdelijke Moeder Maria, die het goddelijk Lichaam en Bloed des Heilands aan de wereld schonk.

(!) Het purificatorium (kelkdoekje), velum (dekkleedje) en de bursa (beurs) voor het corporale bezitten geene opmerkelijke symboliek.

Sluiten