Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hij naast me, stellig geloovende, dat een gevaarlijk sujet hein werd toevertrouwd.

Ik vond het leuk, en 't speet me inderdaad, dat we na een twintig minuten loopens, al bij 't huis van mijnheer Van Lennep aankwamen, hoewel ik ook verlangend uitzag naar het moment, dat ik niet meer voor boef zou worden aangezien. I lier, bij 't huis van Zijne Excellentie namelijk zorgde ik, dat ik mijn geleider even voorkwam, liep vlug de stoep op en belde aan. Jorgi, de jongste bediende, kwanT voor. Ik vroeg mijnheer te spreken, waarop de bediende direct naar zijn meester liep en mij aandiende.

„O, laat Tjaarda maar binnen komen," luidde 't antwoord van uit het kantoor, waarop de bediende mij wenkte. Ik liep de gang door en trad toen het kantoor van mijnheer Van Lennep binnen.

„Morgen Excellentie."

„Morgen Tjaarda, hoe gaat het?"

„O, dank U, cn Excellentie? Ja, Excellentie," begon ik toen glimlachend, „nu heb ik een eigenaardig geval; daar werd ik van morgen door de politie uit mijn bed gehaald."

„Wat?!" riep Zijne Excellentie verwonderd, met een glimlach op 't gelaat, toen hij zag, dat ik't nog al grappig opnam.

„Ja, Excellentie, ik ben op 't oogenblik een gevangene, en ik word niet weer in vrijheid gesteld vóór Zijne Excellentie goede inlichtingen omtrent mij gegeven zal hebben."

Zijne Excellentie sloeg van verbazing de handen ineen. Vol verwondering het hoofd schuddende, bemerkte hij toevallig door de opening van de deur den agent, die in de gang stond te wachten.

„Is er nog iemand bij u ?"

Sluiten