Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

oogenblik nooit meer, en je zult m ij evenmin te Kali nga wier zien."

Ze wou niet huilen al was haar hart tot berstens toe vol. Langzaam liep ze naar de deur.

Toen ze den kruk in de hand had, riep hij haar terug.

„Rinske."

„Wat is 't, vader?"

„Heb je me niet meer lief?"

Nu sprongen haar de tranen in de oogen. „Ik zal u altijd liefhebben, zei ze dof, „ondanks . . . de woorden die u zoo pas gesproken heeft; maar al heb ik u lief — u mag geen onmogelijk offer vragen."

„W anneer je me lief hebt, Rinske, blijf dan ook in m ij 11 liefde gelooven en vergeet niet dat ik je gewaarschuwd heb. Je zult — je zult je later dit uur herinneren, Rinske; let op hetgeen ik zeg: je zult het je herinneren."

„AVaarom duldt u hem niet?" schreide ze smeekend.

„Omdat ik het niet kan — omdat ik den vijand \an 11111 kind niet dulden kan. Hij leidt je om den tuin, hij praat je naar den mond, hij is valsch zonder t misschien zelf te weten. Als je je eens met je gansche ziel aan hem gegeven hebt, zal hij je uitlachen wanneer je met beginselen aankomt en je verontwaardiging in 't gezicht slaan met een cynisch: tant de bruit pour une omelette." O, ik ken ze, ik ken ze!"

/onder hem aan te zien ging ze de kamer uit.

Sluiten