is toegevoegd aan uw favorieten.

Populair geneeskundig handboek "Methode Raspail"

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geëxploiteerd. Van toen-af zijn aan deze toestellen in de reclame zooveel namen gegeven als het aantal fabrikanten er van in Engeland en Duitschland legio is. De wijzigingen er in aangebracht bezorgden menigeen het brevet van uitvinding, terecht of ten onrechte, laat ik aan het oordeel van onpartijdigen over.

171a. Galvanische platen. Men legt op do plaats, waar het eu vel zit, een zeer dunne koperen plaat, en op deze een dergelijke van zink, welke men op den kant, die met het koper in aanraking komt, met eenig zout water of azijn vochtig maakt, na vooraf tusschen deze twee voorwerpen een stukje schoon moesseline-gaas te hebben aangebracht; men zorge tevens dat de zinken plaat iets over de andere uitsteekt. De werking volgt terstond. Zoodra toch is hét lapje moesseline er niet tusschen gebracht, of de twee platen werken met galvanisch vermogen, en trekken door hunne ontbinding de kwikzouten, het arsenik en andere stoffen waarmee het organisme is besmet, uit het lichaam. De zinken plaat zal weldra door de galvanische werking verteren en zich oplossen als gaas. Men kan platen bekomen, die zoo dun z^jn als papier. Door hare buigzaamheid voegen deze zich naar al de omtrekken van het lichaamsdeel, waarop men ze wil aanwenden. De zinkplaat moet, zooals boven gezegd, steeds grooter zijn dan de koperplaat, en men zorge dat de randen van beide opwaarts gebogen zyn, om de huid niet te kwetsen.

De werking is nog krachtiger en treedt spoediger in, wannier men twee van die toestellen met elkander verbindt door een langen metaaldraad, in dier voege, dat men ze op eenigen afstand van elkander kan aanwenden, terwijl men de zinkplaat b;j de eene, bij de andere de koperplaat op de huid legt. Na het gebruik legge men de platen een oogenblik in azijn en spoele ze vervolgens goed met water af, waarna men ze droogt en door wryving glanzend maakt.

172. Galvanische tonden worden aldus vervaardigd: Men laat zich een koperen sonde van het kleinste kaliber maken, die aan het einde gesloten, maar ongeveer een halven duim van de spits af, met een gat is voorzien, nagenoeg een vinger breed. In deze koperen buis steekt men een zinken staafje, met zout water bevochtigd, en dat tot aan het einde der sonde reikt. Voordat men de sonde in het urine-kanaal brengt, besmeert men ze met olie.