is toegevoegd aan uw favorieten.

Luide toernooien

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

man kan nicht genugsam haben lieb Noch schetzen wie man solt ein frommes Weib So man die böse vor nit hat versocht Die übermutig stetz scheltet und fluchet Ich meyn die ungetrewe Cosmicam.

Wij kunnen ons Van der Noots gemoedservaringen nu zeer goed denken. De jonge vrouw die hem uit Leuven gevolgd was had in den schoonen patriciër, schepen van zijn stad, dichter en gevierd beschermer van kunsten — een Leuvensch student was het die hem als zoodanig bezongen heeft — niet voornamelijk den ketter en zeer zeker niet den man die al zijn hebben en houden op een omwenteling stelde liefgehad. Losse fantasterij vond zij dat bouwen op het niet-aanwezige; een onlieven man vond zij hem die om zulk een roem haar geluk in de waagschaal stelde; zij had hem niet vertrouwd, zij had op hem geknord, gevloekt, gescholden; toen hij vluchten moest en huis en goederen prijsgeven had zij geweigerd van de partij te zijn.

Alleen (of moeten de verzen: »Gott hat von dir den Bock genommen hin, Das ist dein weltlich Lust, und Fleischlich sin, und hat