is toegevoegd aan uw favorieten.

De coupeur

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— Fig. 1. —

Jacquette.

Maten.

Bovenwijdte. ... 96 CxM. Onderwijdte. . . . 90 „ Rugbreedte. . . \ 9 „

Korte taillelengte . . 44 cM Lange taillelengte. . 48 „ Geheele lengte. . . 92 „

Begin opstelling.

Trek een winkelhaak A—C en A—B.

Van A tot A 1 is Ve = 8 cM.

Van A tot I) V4 -f :/a = 20 cM. (rugbreedte).

Van A tot C is de halve bovenwijdte min 2 = 46 cM.

De afsland D—C in de helft deelen om punt E te vinden (voor de armwijdte).

Deel E—C in de helft om het halspunt Ie bekomen, punt F.

Van F naar G is dezelfde afstand als A—A \, dus l = 8 cM.

De eerst noodige punten op lijn A—li zijn de volgende:

Van A tot l (de helft van de halve bovenwijdte) is '24 cM. (rughoogte).

A—J is de korte taille 44 cM.

A—K lange taille 48 cM.

A—B de geheele lengte 92 cM.

Deze bekomen punten doortrekken als volgt:

Van I naar Q. Van J naar R en van K naar S.

Van A 1 naar L. Van D naar M. Van E naar N. Van F naar O en van C naar P.

De lijn G—A dient om punt II te vinden.

Op de lange taille van af punt K 2 cM. naar binnen gaan, punt V, en van daar uit een lijn trekken naar A.

Van deze lijn uit wordt de boven- en onderwijdte gemeten.

De lijn H —0 dient om de schouderhoogte aan te geven. De breedte van den schouder is I V2 cM. buiten de lijn D—fit.

l)e lijn A—N dient om de breedte van de carrure vast te stellen. T is de helft van A—I en W is de helft van T— ï.

Trek nu nog de lijnen W—N en D—V en teeken den rug van A naar H, van H tot 1, van 1 tot 2, van 2 tot o, van 5 tot 4 en vervolgens tot L

De naden zijn bij deze verdeeling voor alle stukken inbegrepen behalve de middenrugnaad, welke door de lijn V—A moet dichtgenaaid worden.

Om de breedte van den rugschoot te bekomen, wordt de lijn H—L doorgetrokken lot U, waarbij o cM. wordt aangesneden voor plooi.

Zie Fig. 2 (Vervolg opstelling).